Blog over honden: gezondheid, gedrag en voeding

Goede voornemens: hondenvoeding

Goede voornemens: hondenvoeding

04-01-2022
De maand januari staat bij de meeste mensen in het teken van goede voornemens. Al is het wat cliché, hier doenook wij bij Bellobox aan mee. Ook honden hebben baat bij jouw goede voornemens! Wij hopen onze fans, die al verstandige keuzes maken in de snacks die ze hun honden voeren, waar nodig op meer vlakken te motiveren zo gezond en verantwoordelijk mogelijk om te gaan met hun hond. Laten we vandaag beginnen bij hondenvoeding. Want er zijn zo veel producten op de markt, dat het geen verrassing is als je door de bomen het bos niet meer ziet. Een nieuw jaar betekent een nieuw begin. Wie weet staat gezonder eten wel op jouw eigen lijst vol goede voornemens. Als je dan toch goed bezig bent, neem je hond dan deze maand in deze plannen mee! Omdat er veel te zeggen valt over hondenvoeding, splitsen we onze blogposts in twee. Vandaag praten we over hondenbrokken, in de toekomst gaan we verder in op vers voer. Hondenbrokken: Een betere brok kiezen Staat er nog een zak hondenbrokken in de kast? Pak die er dan even bij. We nemen even een kijkje naar de ingrediëntenlijst. Heb je geen zak brokjes meer in huis, zoek dan de huidige voeding op via het internet. Honden zijn facultatieve carnivoren. Dit betekent dat honden een zeker aanpassingsvermogen bezitten, maar dat dierlijk materiaal (vlees, vet, botten en orgaan) de beste bron van energie zijn voor je hond. Veel brokken bevatten echter een grote hoeveelheid ingrediënten als maïs, aardappel, granen, of andere soorten plantenmateriaal. Deze producten zijn goedkoop en vullen als het ware het voer bij. Bijzonder waardevolle voedingsstoffen leveren ze echter niet. We noemen ze daarom ook wel ‘vulmiddelen’. De ingrediëntenlijst Wat zien we dan graag terug in de ingrediëntenlijst? Vlees, vlees en nog eens vlees! Vlees speelt de hoofdrol. Uiteraard bevatten alle goede hondenbrokken een geringe hoeveelheid plantenmateriaal of toevoegingen, om aan bepaalde voedingsstoffen te voldoen. Maar planten mogen niet de basis vormen van het dieet van een hond, tenzij er sprake is van een zeldzaam gezondheidsprobleem. Ook de verwoording van de ingrediëntenlijst op een zak hondenbrokken is van belang. Veel hondenbrokken bevatten onherleidbare ingrediënten. Je vindt deze terug onder de termen vlees- en dierlijke bijproducten en gramen en plantaardige bijproducten. Als hondeneigenaar weten wij niet wat dit omvat, we hebben geen flauw idee wat we onze hond voorschotelen. Ik leg mijn voorkeur dan ook bij een hondenbrok waarvan de ingrediëntenlijst mij exact vertelt welke ingrediënten er zijn gebruikt. De vorm van een ingrediënt is daarnaast ook van invloed op de kwaliteit van de voeding. Gedroogd vlees, vleesmeel en eiwitextracten zijn kwalitatief minder waardig dan vers vlees. Wanneer er vleesmeel op de ingrediëntenlijst staat betekent het dat het ingrediënt al een flink verwerkingsproces heeft doorlopen voordat het aan de hondenbrokkenfabriek wordt geleverd. Daar aangekomen wordt het nog eens verder verwerkt en verhit. Minder stappen tussen het begin- en eindproduct is een goed streven. Laten we kijken naar de ingredientenlijst van twee merken waarvan de naam jou als hondeneigenaar waarschijnlijk bekend voorkomt. Twee merken die onderdeel zijn van grote corporaties. Twee merken die zo veel geld kunnen steken in marketing dat wij vaak van ze hebben gehoord. Wat vind jij, zien de ingrediëntenlijsten van deze voorbeelden er aantrekkelijk uit? Voorbeeld 1: “Bekend merk” Adult Medium met Kip Maïs-, tarwe-, kippen- en kalkoenmeel, dierlijk vet, eiwithydrolysaat, maïsglutenmeel, plantaardige olie, mineralen, bietenpulp, lijnzaad. Voorbeeld 2: “Ander Bekend Merk” met Gevogelte en Groente Graan, vlees en dierlijke bijproducten, olie en vetten, plantaardige bijproducten, plantaardige eiwitextracten,mineralen, groenten. Kijk nu even mee naar de volgende drie voorbeelden, waarvan we wél de naam toevoegen. Deze hondenbrokken kunnen wij aanraden, op basis van de ingredienten, maar ook omdat veel honden die wij kennen die gevoelig zijn voor veel soorten voeding wél goed reageren oo deze merken. Voorbeeld 1: Alpha Spirit Multiprotein Hondenvoer 85% vers vlees & verse vis, (25% verse kip, 20% vers rundvlees, 20% vers varkenslever, 20% verse vis), scheuten van peulvruchten (groene erwten pisum sativum, witte erwten - pisum ssp. en linzen - lens culinaris) , eieren, wortelen, bessen, glycerine, yucca schidigera-extract, biergist, taurine, glucosamine, chondroïtinesulfaat. Natuurlijke conserveringsmiddelen: tijm en rozemarijn Voorbeeld 2: Purizon Wild met Konijn Adult 39% vers wildvlees (18% hert, 17% ree, 4% rendier), 14% kippenvlees (gedroogd), 8% konijnenvlees (gedroogd), 8% eendenvlees (gedroogd), aardappel (gedroogd), zoete aardappel (gedroogd), 6% gevogeltevet, erwten, 3% gevogelte-eiwit (gehydrolyseerd), 1% ei (gedroogd), 1% zalmolie, lignocellulose, lijnzaden, vlozaadschillen, appels (gedroogd), wortel (gedroogd), cranberry’s (gedroogd), gedroogde kruiden (spinazie, tijm, oregano, salie, peterselie, marjolein, kamille, anijszaden, fenegriek, goudsbloem, pepermunt), cichorei-inuline. Voorbeeld 3: DARF Vol Regular Rundvlees, lamsvlees, geitenvlees, kipvlees, kippennekken, runderhart, runderlong, runderpens, runderlever, krill, kokosolie, brandnetel, gierst. Het valt op dat de ingrediëntenlijsten wat langer zijn. Dit komt doordat de brokken geen additieven bevatten. Verder zien we echter ook, dar ieder ingrediëntte herleiden is. Er zijn geen onduidelijkheden. Zo zien we het graag! Brokken voeren nog gezonder maken Gezien brokken ongeacht de kwaliteit van de ingrediënten droog en verwerkt zijn, brengt dit toch een aantal mogelijke problemen met zich mee. We spraken in een eerdere blogpost daarom al over hoe je het voeren van hondenbrokken nog gezonder kunt maken. Lees die blogpost dan ook vooral even door ter aanvulling op het verhaal van vandaag! Wat voer jij? Wij zijn ontzettend benieuwd geworden wat onze fans voeren en waarom ze deze keuze hebben gemaakt! Laat het ons vooral weten in een reactie.
5 Last Minute Tips: Vuurwerkangst bij Honden

5 Last Minute Tips: Vuurwerkangst bij Honden

31-12-2021
Vuurwerkangst is een veel voorkomend fenomeen. We hopen dan ook dat jouw hond vrijwel geen last ervaart van alle knallen en lichtflitsen! Is dat helaas wel zo, dan heb je wellicht iets aan de volgende tips. We schreven deze blogpost aan de hand van deze youtube video van Monique Bladder. Wil je meer leren over hoe je om kunt gaan met vuurwerkangst bij de hond, dan kun je op haar website verscheidene blogs lezen die er dieper op in gaan. Is er al sprake van vuurwerkangst bij je hond? Dan is er geen kant en klare oplossing. Je hond heeft een emotie bij het horen en zien van vuurwerk en zijn angstreactie naar aanleiding van deze emotie uit zich reflexmatig. Je kunt deze emotie wel veranderen, maar dat lukt niet zo kortdag. Begin daarom volgend jaar op tijd met trainen! Last Minute Tips Natuurlijk is er bij tips met betrekking tot angst bij je hond geen garantie dat ze zullen werken. Toch delen we graag de tips van Monique Bladder omdat we ons erg kunnen vinden in haar wijze van denken rond hondengedrag! Word niet boos op je hond wanneer hij angstig is. Soms kan een dier uit angst wat heftig reageren, eventueel op een wijze die wij als mensen frustrerend vinden. Probeer rustig te blijven en mopper niet op je hond. Deze reactie kan over tijd namelijk de angstige emotie rondom vuurwerk heftiger maken, omdat de knallen en lichtflitsen een boze reactie van de eigenaar voorspellen. Steun je hond wanneer hij aangeeft daar behoefte aan te hebben. Met steunen voed je zijn angst niet, dat is een oude mythe! Je hoeft je hond niet te negeren, in tegendeel. Maar wil hij niet aangeraakt worden? Forceer dat dan ook niet. Laat je hond zelfs vluchten of schuilen als hij dat wil, mits het vertoonde vluchtgedrag in deze situatie veilig is. Bied een veilige haven. Sommige honden verstoppen zich wanneer er sprake is van angst. Je kunt zelf zo’n plek voor je hond creëren. Maak bijvoorbeeld een holletje laag bij de grond, eventueel onder een tafel. Je hond moet dit plekje zien als een locatie waar hij niets hoeft, maar waar hij heen mag om te schuilen. Probeer je hond af te leiden. Bij extreme angst zal het afleiden geen nut hebben, maar bij milde angst is het de moeite waard om spel of voer aan te bieden. Je kunt je hond bezighouden met een kauwsnack uit onze doorbijtersbox, of een snuffelmat gevuld met trainers uit onze beloningsbox. Eventueel kun je samen een trekspelletje doen of de favoriete bal van je hond verstoppen. Jij kent je eigen hond het beste. Gebruik wat hem normaliter motiveert en kijk eens of hij er interesse in heeft ondanks zijn angst! Dwing je hond niet te wandelen. Uiteraard moet je hond zijn behoefte doen, maar beperk uitjes naar buiten tot het doen van zijn behoefte in de tuin of voor het huis. Uitgebreid wandelen is op oudjaarsdag niet nodig, dat kan een dag later wel weer. Mocht je hond al dagen voor de jaarwisseling niet willen wandelen? Dan wordt het tijd in overleg te gaan met je dierenarts.. Is je hond zo angstig voor vuurwerk dat hij er nu al weken last van ervaart? Dan wordt het tijd om in overleg te gaan met je dierenarts. De angst is wellicht te verminderen met medicatie. Er bestaan medicijnen die de angstreactie van de hond remmen. Daarvoor is het nu al te laat, maar volgend jaar kan dit een optie zijn. Bij milde angst kun je denken aan verscheidene supplementen, die ook online te verkrijgen zijn. Bezoek vooral het blog van Monique eens om meer te leren over hoe je het trainen rondom vuurwerkangst in 2022 kan aanpakken, om december volgend jaar minder stress te ervaren rondom de feestdagen!
Rugpijn bij honden

Rugpijn bij honden

28-12-2021
Ik hoor je denken, rugpijn, wat heeft dat nou te maken met eten, lekkere snacks of EHBO? Nou, niet direct heel veel tenzij we denken aan overgewicht (laten we daar op terug komen bij de goede voornemens voor 2022 ☺). Waar het wel wat mee te maken heeft, is de kwaliteit van leven van je hond! En zeg nou zelf, iedereen wil toch het beste voor zijn/haar trouwe viervoeter? Achtergrondinformatie Rugpijn, met name in de lage rug, is een van de meest voorkomende gezondheidsproblemen bij mens en hond. Bij mensen wordt geschat dan ongeveer 84% van de mensheid in ieder geval één keer in hun leven te maken krijgt met lage rugpijn, bij honden ligt dat percentage (gelukkig) een stuk lager {Golob:2014hb}. Ongeveer 40% van alle honden die bij ons  in de praktijk worden aangeboden met neurologische verschijnselen hebben last van lage rugpijn. Vaak zijn de symptomen die hier bij horen heel subtiel en passen ze bij meerdere ziektebeelden. Het is dus belangrijk om tot op de bodem uit te zoeken wat er aan de hand is voor er een behandeling kan worden ingesteld. Enkele voorbeelden van neurologische verschijnselen die kunnen samenhangen met rugpijn zijn een (licht) afwijkende gang, afwijkende houding of het niet willen uitvoeren van bepaalde oefeningen of trucjes (bijvoorbeeld niet meer in of uit de auto springen). Wist je dat in Amerika lage rugpijn een van de meest voorkomende redenen is om werkhonden bij defensie en politie vervroegd met pensioen te sturen? {Evans:2007da} Slijtage Natuurlijk zijn er heel veel redenen om lage rugpijn te hebben, ook bij de hond, maar een van de meest belangrijke is degeneratie (slijtage) van de structuren in de rug. Deze degeneratie kan op veel manieren ontstaan en is vaak multifactorieel, dus niet terug te voeren op één bepaalde trigger. Het kan ontstaan als gevolg van ouderdom, door chronische overbelasting, door trauma, of als gevolg van genetische aanleg, maar ook door een combinatie van deze factoren. Degeneratie is eigenlijk het progressieve verlies van structuur en oorspronkelijke functie van bepaalde weefsels. In de rug zijn meestal de ligamenten, facet-gewrichten en de tussenwervelschijf aangetast. Dit proces komt voor bij zowel de hond als de mens, sterker nog, naast de mens is de hond de enige diersoort waarbij dit natuurlijke proces spontaan kan optreden. Dit degeneratieve proces kan op alle plaatsen in de rug voorkomen en kan meerdere problemen veroorzaken, zoals verdikking van de ligamenten die de ruggengraat stabiliseren of een hernia van de tussenwervelschijf. Deze problemen kunnen allebei leiden tot druk op het ruggenmerg en de uittredende zenuwen, wat zorgt voor neurologische problemen. De twee plaatsen in de rug waar we het vaakst problemen zien zijn het halsgebied en de lage rug. Tussenwervelschijf Een van de structuren in de ruggengraat die het meest betrokken is bij wat we overkoepelend ‘degenerative spinal disease’ (DSD) noemen, is de tussenwervelschijf. Eigenlijk is de tussenwervelschijf een bijzonder stukje van ons lichaam, er lopen namelijk geen bloedvaten en zenuwen in de tussenwervelschijf. In de gezonde ruggengraat vormt de tussenwervelschijf als het ware een ‘kussentje’ tussen de wervels en zorgt hij er voor dat de ruggengraat goed kan omgaan met de verschillende bewegingen die we vragen van onze rug. Deze bewegingen zijn niet alleen nodig om de ruggengraat stabiel te houden en ons te kunnen laten bewegen, de beweging van de ruggengraat is ook super belangrijk voor het transport van voedingsstoffen. Normaal zorgen de bloedvaten er voor dat er voldoende voedingsstoffen naar de organen worden getransporteerd, maar aangezien de tussenwervelschijf geen bloedvaten heeft is hier een ander systeem. Vergelijk het maar met een spons die half in het water ligt, wanneer je er op duwt gaat het water er uit, maar zodra je hem loslaat zuigt hij ook weer water op. De tussenwervelschijf kan alleen op deze manier afvalstoffen kwijt raken (onder invloed van belasting worden die ‘er uit geknepen’) en voedingsstoffen opnemen (wegnemen van de belasting gaat gepaard met het ‘volzuigen’). Onder invloed van degeneratie wordt de tussenwervelschijf stijver en kan deze minder goed functioneren als ‘kussentje’. Dat heeft dan uiteraard ook invloed op de hoeveelheid voedingsstoffen die door beweging kunnen worden opgenomen. Je kunt je voorstellen dat dit uiteindelijk een vicieuze cirkel is. Door dat de tussenwervelschijf stijver is, is de kans ook groter dat de tussenwervelschijf scheurt en er een hernia ontstaat. Wanneer de tussenwervelschijf eenmaal beschadigd is kan deze zichzelf niet zomaar herstellen, wat de behandeling heel lastig maakt. Pijnlijk? Een opvallend feitje aan degeneratie van de structuren in de rug, is dat we het ook tegenkomen bij gezonde mensen en honden! Degeneratie op zichzelf is namelijk niet pijnlijk, je hoeft dus helemaal geen klachten te hebben van een gedegenereerde tussenwervelschijf. Vooralsnog moet er meer onderzoek gedaan worden naar de precieze oorzaak van de pijn die geassocieerd is met DSD en weten we nog veel niet over deze aandoening, maar een ding dat we wel weten is dat de ontstekingsprocessen die vaak samen gaan met degeneratie wél pijnlijk zijn. Er wordt zelfs gesuggereerd dat de ontstekingsprocessen het degeneratieve proces kunnen versnellen. Behandeling Op dit moment zijn er twee mogelijkheden om een hond met DSD te behandelen: chirurgisch of met medicijnen. Welke behandeling past bij welke hond, is afhankelijk van de voorgeschiedenis en de ernst van de symptomen. Via de chirurgische methode worden de weefsels die druk uitoefenen op het ruggenmerg verwijderd, waardoor de neurologische verschijnselen verdwijnen. Ben je er op tijd bij, dan hoeft er geen blijvende schade aan de zenuwen te zijn en kan de hond prima functioneren. De methode met medicijnen focust vooral op het pijnvrij houden van de hond en het remmen van het ontstekingsproces. Hierbij hoort ook een gezonde, maar vaak aangepaste levensstijl. Daarbij hoort dus ook een gezond gewicht! Maar hier komen we volgende maand op terug. Ook zou je je dierenarts kunnen vragen om een verwijzing naar een goede osteopaat, om eventuele pijn te helpen verlichten. Helaas is er (nog) geen methode om het degeneratieve proces te remmen en is de kans groot dat de verschijnselen terugkomen. Er wordt momenteel een hoop onderzoek gedaan naar DSD in zowel de humane geneeskunde als de diergeneeskunde en de uitkomsten zijn veelbelovend. Op naar een toekomst zonder rugpijn!
Nieuwe box: Themabox Winter Editie

Nieuwe box: Themabox Winter Editie

17-12-2021
Het is weer zover. De dagen worden korter, de hondenpootjes worden koud op de grond en overal zijn huizen versierd met lichtjes in alle kleuren. De feestdagen staan voor de deur en daarmee hopelijk binnenkort ook een postbezorger met de laatste nieuwe BelloBox van dit jaar: de themabox winter editie 2021. Themabox Winter Editie We hadden helaas wat problemen met leveringen, maar dat mag de pret niet drukken. De winter themabox is zoals altijd gevuld met onze 100% natuurlijke snacks, een leuke kerstknuffel en een te gekke braingame voor de koude gure dagen! Zoals altijd kun je de themabox upgraden met extra kauwsnacks. Benieuwd geworden? Je bestelt hem hier als losse box, of als abonnement om ieder seizoen een themabox te ontvangen! De Themabox Onze Themabox is geschikt voor alle honden met een leeftijd vanaf vier maanden en bevat een variatie aan heerlijke 100% natuurlijke Bellobox snacks en speel- of bruikbare items. De inhoud van de box verandert bij elk thema, zo is het iedere keer weer een verrassing als de box binnenkomt. De box bevat (belonings)snacks en niet al te harde kauwproducten om het voor iedere hond leuk te houden. Upgraden Wil je toch ook graag hardere kauwproducten in jouw box ontvangen, dan kun je de box in het bestelproces nog aanvullen met onze doorbijters upgrade. Liever een hypoallergene variant? Ook dat hebben we voor de Themabox mogelijk gemaakt. Op = Op Deze box heeft een gelimiteerde oplage en is al eenmalig te bestellen vanaf €29,99. Wil je bij elk thema een box ontvangen van kan dat al vanaf € 99,99. De Themabox verschijnt vier keer per jaar. De feestdagenbox (november – december) De voorjaarsbox (maart – april 2022) De vakantiebox (juni - juli 2022) De Najaarsbox (voor dierendag 2022 in huis - op=op) De inhoud van de box (onder voorbehoud van voorraad) is: Runderlong Zalmhuid Hertenvleestrainers Runderoren Vleesstrips kip Rundvleesplaatjes Flipboard trixie (Denkspelletje) Pluche kerstspeeltje met bal als vulling Extra doorbijters upgrade + € 10,- Runderkophuid goudgeel 15-20 cm Runderoren met vlees Kalfkauwstaaf 15 cm Runderkophuid 12-15 cm De themaboxen hebben een gelimiteerde oplage! Je hebt al een themabox vanaf €29,99 of bestel alle vier de thema’s vanaf €99,99. De themabox met update is € 39,99 of € 129,99
Introductie Hersenwerk

Introductie Hersenwerk

08-12-2021
Iedereen kent het wel: de momenten waarop je hond met zijn neus aan iets lijkt vastgeplakt. Of het nou aan het gras is waar hij iets ruikt, je volle (of lege) boodschappentas, je kleding als je thuiskomt van een nieuwe omgeving, of een jaszak waar ooit hondenkoekjes in hebben gezeten. Honden ruiken duizenden keren beter dan mensen en dat is ook niet zo gek. Want wist je dat de neus het meest belangrijke zintuig voor de hond is, met 125 tot 300 miljoen reukcellen? De mens heeft slechts 5 miljoen reukcellen. Geen wonder dus, dat de hond de wereld vooral met zijn neus ontdekt. In een eerdere blogpost vertelden we dan ook al hoe belangrijk de neus voor de hond is en hoe je dat kunt inzetten om je hond binnen te vermaken bij slecht weer, door bijvoorbeeld zijn brokken in een snuffelmat te verstoppen of snuffel spelletjes te spelen. Maar wist je dat hier een veel diepere wereld achter verscholen gaat? De wereld van hersenwerk voor honden. Hersenwerk, wat is dat? De officiële definitie van hersenwerk is: “De hond zoekt naar makkelijk eetbaar lekkers in objecten van verschillende materialen, vormen en structuren. De neus is een middel om het lekkers te traceren; de bek, de poten en de neus kunnen worden ingezet om het lekkers te bemachtigen. De hond wordt hierin op maat begeleid door zijn eigenaar/verzorger” (bron: Inge van Harte en Marleen van Baal in ‘Hersenwerk voor honden, zoveel meer dan een spelletje’). hersenwerk is voor álle honden, ongeacht het ras, het rugzakje of de leeftijd. Dit maakt hersenwerk een heel geschikte hondensport voor iedereen. In de definitie van hersenwerk lees je het al: het gaat hier om de samenwerking tussen hond en baas. Dit is dan ook één van de mooiste voordelen van hersenwerk: het versterkt de band tussen hond en baas op een harmonieuze manier. Door te (leren) kijken naar het gedrag en de behoeften van je hond, leer je ook hoe je hierop kunt inspelen. Je hond leert andersom ook dat hij kan steunen op jou als baas, om hem te helpen door moeilijke zaken te komen. En deze kennis kun je goed inzetten buiten het Hersenwerken om, in gewone alledaagse situaties! Kortom: jullie contact verbetert in het algemeen. De focus op samenwerking maakt hersenwerk ook gelijk heel anders dan bijvoorbeeld puzzelen, waarbij de focus vaak ligt op hoe mooi, origineel en moeilijk de puzzel is, of zoekspelletjes, waarbij de beloning het vinden van het voorwerp is. Bij hersenwerk gaat het om het proces en niet om de moeilijkheidsgraad of de uitkomst. De hond bepaalt het tempo en de werkwijze. Er is geen prestatiedruk en er is vrijheid voor de hond om eigen keuzes te maken, maken dat hersenwerk heel anders is dan hondensporten. Waarom hersenwerk? Behalve het versterken van het contact tussen de hond en de baas, biedt hersenwerk nog veel meer voordelen. Op een juiste manier aangeboden en opgebouwd, kun je hersenwerk inzetten om honden te helpen met het vinden van mentale rust en ontspanning. Doordat je hond leert om zelfstandig - en waar nodig met een helpende hand van de baas - te werken en (moeilijke) zaken op te lossen, krijgt je hond ook nog eens meer zelfvertrouwen. Daarnaast biedt hersenwerk honden verrijking, doordat je gebruik maakt van verschillende materialen, vormen en structuren. Dit verbreedt de wereld van je hond en prikkelt de zintuigen, wat ervoor zorgt dat de hersenen van de hond ‘paden’ maken: je hond wordt er slimmer van! Hersenwerk kan iets magisch zijn, want als je het goed doet, kan tien minuten hersenwerken sommige honden al voldaan en moe maken. Dit heeft alles te maken met genoemde prikkels en met de concentratie waarmee je hond werkt. Enerzijds biedt hersenwerk de hond telkens nieuwe prikkels aan door de materialen die je gebruikt en de voertjes die je aanbiedt. Hetzelfde materiaal kan de ene keer heel anders ruiken en voelen dan de andere keer. Denk maar eens aan een handdoek die je gebruikt voor het hersenwerk. Als je deze na gebruik bewaart tussen andere spullen, neemt deze de geur op van die andere spullen. Als je de handdoek gewassen en gedroogd hebt aan een wasrek, voelt hij al wat harder en stugger aan dan wanneer hij net nieuw is. Zo krijgt je hond van hetzelfde voorwerp steeds andere prikkels binnen. En dit is belangrijk, want net als mensen hebben ook honden mentale stimulatie nodig. Te weinig prikkels aanbieden zorgt ervoor dat je hond zich gaat vervelen, wat kan leiden tot ongewenst gedrag en tot lichamelijke en/of mentale klachten bij je hond. Door het binnenkrijgen en verwerken van deze prikkels, zorgt hersenwerk voor mentale inspanning bij je hond. Anderzijds is hersenwerk ook goed in te zetten als je hond juist overprikkeld is. Dit heeft te maken met concentratie. Als hersenwerk op een juiste manier wordt aangeboden, ontstaat er opperste concentratie bij je hond, waardoor hij zich volledig focust en niet meer bezig is met de prikkels om hem heen. Hierdoor kan je hond mentaal en fysiek ontspannen en loopt het stress emmertje van je hond vaak wat makkelijker leeg. Hersenwerk biedt dus ook ontspanning aan je hond. Op die manier kun je deze activiteit ook inzetten om je hond af te leiden in spannende situaties, bijvoorbeeld in de wachtkamer bij de dierenarts of tijdens het wachten op je beurt op de hondenschool. Hersenwerk, hoe moet dat? Zoals je leest, is het belangrijk om hersenwerk op een juiste manier aan je hond aan te bieden, wil je de vruchten ervan kunnen plukken. De juiste manier voor jouw hond vinden is echter altijd maatwerk, want net als mensen hebben ook honden zo hun eigen voorkeuren voor materialen, structuren en omgevingen om in te werken. Waar je precies op moet letten, vertellen we in een volgende blog. Met deze algemene tips kun je toch alvast aan de slag gaan! Zoek uit welk materiaal de voorkeur van jouw hond; Bouw hersenwerk stapsgewijs op, zoals je ook een andere oefening stapsgewijs opbouwt; Pas het hersenwerk aan aan de werkwijze en ervaring van jouw hond; Pas het hersenwerk aan aan de behoefte van jouw hond; Zorg voor een rustige en veilige omgeving om in te werken; Begeleid jouw hond vanuit rust en ontspanning; Kijk naar je hond en geniet van de samenwerking! Zoek je nog voertjes om te gebruiken tijdens de oefeningen? Neem dan eens een kijkje naar onze beloningsbox, of voeg trainers als boxbooster toe aan je doorbijtersbox.    
Hypo-allergeen voer bij voedselovergevoeligheid

Hypo-allergeen voer bij voedselovergevoeligheid

01-12-2021
Zoals we vorige week in de blogpost van Lisanne konden lezen is voedselovergevoeligheid een overkoepelende naam voor een abnormale reactie van het lichaam op bestanddelen in de voeding. Alle bestanddelen in het voer kunnen een allergische reactie opwekken, maar honden zijn het meest gevoelig voor rund, kip, zuivel, soja en mais. Verwerking of invriezen van deze ingrediënten heeft geen effect op de allergenen in het product. Wanneer een hond allergisch is voor een bepaald bestanddeel kan maar weinig nodig zijn om een reactie op te wekken. Vandaag deelt onze voedingsexpert Marijke haar gedachten over hypo-allergene hondenvoeding. Hypo-allergeen droogvoer voor honden Er is een breed scala aan hypo-allergene hondenbrokken te vinden in dierenartspraktijken en dierenspeciaalzaken. Hypo-allergeen droogvoer bevat slechts één eiwitbron (één soort vlees of peulvruchten bijvoorbeeld) en één zetmeelbron (denk hierbij aan aardappelen of rijst). Het idee is dat men zo een voeding kan vinden die bestaat uit ingrediënten die de hond nog niet eerder gegeten heeft. Vaak is de brok daarom volledig vrij van vlees om de kans op een reactie te verkleinen. Natuurlijk kan deze brok alsnog een reactie veroorzaken, omdat een hond ook allergisch kan zijn voor hetgeen hij nog niet eerder gegeten heeft. Onherleidbare ingrediënten in hondenbrokken Om een geschikt hypo-allergeen voer te selecteren voor je hond, is het van belang uit te zoeken welke eiwit- en zetmeelbronnen je hond zover al met regelmaat geconsumeerd heeft. Zo kun je een voor de hond nieuwe eiwitbron introduceren en eiwitbronnen vinden die de hond wél verdraagt. Echter wordt men van een ingrediëntenlijst op een zak hondenbrokken vaak niet veel wijzer.  Termen als ‘vlees en dierlijke bijproducten’ en ‘granen en plantaardige bijproducten’ zien we vaak terug tussen de ingrediënten. Maar wat betekent dit eigenlijk? Deze termen geven ons geen duidelijkheid over de dier- en graansoort die het voer bevat. Vaak heb je dus geen idee op welke allergenen je hond heeft gereageerd. Je weet namelijk niet welke ingrediënten je hond tot zover gegeten heeft. Sommige merken zijn gelukkig wél open en eerlijk over de ingrediënten waaruit hun producten bestaan. Wil je vanaf het moment van aanschaf je hond droge voeding voeren? Dan ligt mijn voorkeur op een brok met een hoog vleesgehalte en, indien mogelijk, zonder mais, zuivel en soja. Kijk bijvoorbeeld eens naar het assortiment brokken van DARF. Twijfelachtige ingrediënten in hypo-allergene hondenbrokken Het spijsverteringsstelsel van onze honden is gespecialiseerd op het verwerken van vlees. Echter bevat hypo-allergeen voer vaak totaal geen vlees. Is dat niet wat verwarrend? De brok bestaat vaak zelfs volledig uit maïs, terwijl dit een van de meest voorkomende allergenen is. Dit brengt mij flink wat twijfel, ik zou dergelijke voeding niet lukraak aanbieden aan mijn hond zonder andere opties te overwegen. Ook betekent het gebrek aan vlees dat de brok ontzettend rijk aan zetmeel is, een voedingsstof die voor een hond niet essentieel is. Wanneer mogelijk, zou ik dit vermijden. Wanneer je dierenarts een voedselovergevoeligheid vermoedt, kun je een hondendiëtist inschakelen om verdere stappen te ondernemen. Er zijn namelijk vaak andere opties dan de eerste willekeurige hypo-allergene brok die de praktijk verkoopt. Voor sommige honden is een vlees-vrije hypo-allergene de enige uitkomst, maar vaak zijn ook andere opties het proberen waard. Hondenbrokken kiezen Wanneer je hond veel jeuk heeft en je dierenarts aangeeft dat voeding de meest waarschijnlijke oorzaak is, dan kun je zelf ook actie ondernemen zonder direct voor een hypo-allergene brok te kiezen. Bij aanschaf van nieuwe brokken is het verstandig eerst de ingrediëntenlijst van de huidige voeding van je hond te bestuderen. Is deze onduidelijk? Weet je niet precies welke vlees- en graansoort gebruikt wordt? Dan weet je nu nog niet welk ingrediënt jouw hond niet verdragen kan.  Indien je brokken wilt blijven voeren, raad ik dan ook aan op zoek te gaan naar een brok waarvan alle ingrediënten herleidbaar zijn. Kies dan voor de zekerheid een brok zonder rund, kip, zuivel, soja en maïs, de meest voorkomende allergenen.  Probeer dit voer gedurende 6-8 weken uit (eventueel in overleg met een diëtist) en onderneem pas verdere actie wanneer na deze periode geen verbetering plaatsvindt. Er zijn meerdere brokken verkrijgbaar die niet verkocht worden als hypo-allergeen, die veel vlees van slechts één diersoort bevatten en niet zo rijk zijn aan zetmeel. Veel beter voor je hond dus, wanneer we naar het spijsverteringsstelsel van deze diersoort kijken! Vers vlees bij allergie Het voeren van een vers dieet heeft echter absoluut mijn voorkeur. Ik verwacht ook dat bij een bezoek aan een diëtist het voeren van verse producten aan bod zal komen. Een dieet bestaande uit KVV of losse ingrediënten is geheel naar wens samen te stellen. Zo kun je als hondeneigenaar ieder ingredient dat je niet voeren wilt, compleet uitsluiten. Voor honden zijn eiwitten en vetten de meest belangrijke energiebron. Zetmeel is zoals ik eerder aangaf niet nodig, maar wel goedkoop. Je vindt mede daarom veel zetmeelrijk plantenmateriaal terug in droge voeding, maar in een vers dieet kun je dit volledig weglaten. Zo excludeer je al een grote bron van mogelijke allergenen. Voer je momenteel nog brokken? Dan kan een overstap naar gevarieerde verse voeding zelfs het gehele probleem al worden opgelost. Je sluit namelijk de onherleidbare ingrediënten en het overtollige plantenmateriaal uit. Blijft je hond na 6-8 weken KVV eten nog altijd symptomen vertonen, dan kan er met gebruik van verse voeding gemakkelijk een eliminatiedieet worden uitgevoerd.  Eliminatiedieet Hoe een eliminatiedieet precies in zijn werk gaat zullen we in een latere blogpost uitgebreid behandelen. Kort samengevat zal je je hond gedurende 6-8 weken vlees, bot en orgaan van één diersoort voeren. Je voegt dan een volgende diersoort toe wanneer er na deze periode geen symptomen meer zijn. Iedere diersoort is los aan te schaffen, zowel in vorm van KVV (een mix van vlees, bot en orgaan) als in losse ingrediënten. Het samenstellen van een perfect gebalanceerd dieet duurt vaak erg lang. Maar je kunt op basis van verse ingrediënten een gezond en gevarieerd dieet creëren en dat is de moeite zeker waard.  Het klinkt misschien lastig om je hond te verwennen met een heerlijke snack tijdens zo’n langdurig experiment. Echter is dat met onze producten gelukkig nog mogelijk! Excludeer je rund, kip en varken? Dan kun je hier een kijkje nemen naar de boxen vol individuele kauwsnacks van verscheidene diersoorten.  Ons assortiment bevat een heel scala aan belonings- en kauwsnacks van paard tot hert en van kameel tot lam. Mocht je niet zeker weten of een box voor jouw hond geschikt is, stuur ons dan even een bericht via WhatsApp! Voorkomen? Binnen wetenschappelijke onderzoeken is er nog niets te zeggen over de oorzaak van voedselovergevoeligheid bij honden. Uit onderzoek bij mensen is wel het een en ander vastgesteld. Zo weten we bijvoorbeeld dat langdurige regelmatige blootstelling aan een allergeen een allergie kan veroorzaken. Ik raad dan ook aan vanaf jonge leeftijd altijd van smaken te wisselen zowel bij het voeren van brok als bij KVV. Eet je hond dagelijks kip of rund, dan bestaat er een kans dat een voedselovergevoeligheid wordt opgebouwd. Zeker kunnen we hier niet van zijn, maar variatie is hoe dan ook gezond. Baat het niet? Dan schaadt het niet! Heeft jouw hond een voedselovergevoeligheid? We zijn benieuwd hoe jij hiermee omgaat. Laat het ons vooral weten in een reactie!
To eat or not to eat? Allergie of voedselovergevoeligheid bij honden

To eat or not to eat? Allergie of voedselovergevoeligheid bij honden

24-11-2021
Na wonden, vergiftigingen, parasieten, onderkoeling en maagtorsies doen we in deze blog eens iets anders. Geen EHBO, maar iets anders dat veel voorkomt bij honden en waar ze bij Bellobox een goede oplossing voor gezocht hebben. Namelijk, de voedselovergevoeligheid! Achtergrondinformatie Eigenlijk is voedselovergevoeligheid een overkoepelende naam voor een abnormale reactie van het lichaam op bestandsdelen in de voeding. De twee vormen die vallen onder voedselovergevoeligheid zijn de voedselallergie (allergische reactie van het lichaam) en de voedselintolerantie (niet-allergische reactie van het lichaam). Echter, in de praktijk zorgen beide varianten voor dezelfde symptomen en wordt er vaak geen onderscheid gemaakt tussen de twee, maar worden de termen door elkaar gebruikt. Voedselovergevoeligheid ontstaat wanneer het lichaam de algemene bestandsdelen (allergenen) uit de diervoeding niet herkent als ‘veilig’ waardoor het immuunsysteem overdreven heftig reageert. In principe kunnen alle bestandsdelen in het voer een allergische reactie opwekken, maar honden zijn het meest gevoelig voor rund, kip, zuivel, soja en mais. Houd er rekening mee dat invriezen, verwerken (tot bijvoorbeeld brok) of koken vaak geen invloed heeft op de allergenen en dat een hond die gevoelig is voor bepaalde allergenen ook een reactie kan krijgen op de bewerkte allergenen, vaak is er meestal maar weinig nodig om een reactie op te wekken. Wat voor symptomen? Bij de meeste honden wordt een voedselovergevoeligheid vastgesteld voordat ze 6 maanden oud zijn. Het belangrijkste verschijnsel daarbij is jeuk, heel veel jeuk over het hele lichaam. Alleen, dat uit zich niet bij ieder hond hetzelfde, de ernst van de verschijnselen kan verschillen van af en toe wat likken en bijten tot onophoudelijk krabben over het hele lichaam. Het meeste zien we bultjes op de buik, in de oksel en de liezen of oorontstekingen. Ook frequent likken of bijten aan de pootjes en het wrijven met de kop langs meubels of de vloer kan wijzen op een voedselovergevoeligheid. Andere huidveranderingen zijn een donkere verkleuring van de huid/vacht door het (overmatig) likken (de kleur verandert dan onder invloed van speeksel), roodheid, kale plekken, ontsteking of verdikking van de huid en een afwijkende geur. Verschijnselen als braken en diarree hoeven niet altijd aanwezig te zijn! Een hond met bovenstaande verschijnselen hoeft niet altijd een voedselovergevoeligheid te hebben, maar kan ook een overgevoeligheid hebben voor allergenen uit de omgeving zoals huisstofmijt of pollen van gras, bomen en planten. Dat noemen we atopische dermatitis. Vroeger dacht men dat atopische dermatitis voornamelijk ontstond door inhalatie van allergenen, maar inmiddels weten we dat het ook kan ontstaan door rechtstreeks contact met de huid. De oorzaak hiervan is vaak een verminderde barrièrefunctie van de huid door een afwijkende samenstelling van de bovenste huidlagen, maar ook genetische aanleg en secundaire factoren zoals bijvoorbeeld ontstekingen van de huid kunnen hierin een grote rol spelen. Bij ongeveer driekwart van de honden met atopische dermatitis zien we de eerste verschijnselen voordat ze 3 jaar oud zijn. Wat kun je doen? Helaas zijn de intracutane allergietesten zoals we die kennen in de humane geneeskunde niet voldoende betrouwbaar bij de hond, waardoor er weinig diagnostische mogelijkheden overblijven. De betrouwbaarste methodiek is het toepassen van een eliminatiedieet. Daarbij wordt gedurende minimaal 6-8 weken een hypoallergeen voer gegeven, dat betekent met een compleet andere eiwitbron dan de hond gewend is. Denk hierbij aan hert, paard of kameel. Maar… En ik denk dat we allemaal weten hoe makkelijk dit gaat, voer je hond tijdens deze periode van het eliminatiedieet ook geen andere supplementen, snoepjes, koekjes, worstjes! Prognose Je hebt het eliminatiedieet geprobeerd, maar de klachten van je hond zijn niet verminderd. Wat nu? Het kan zijn dat je hond ook allergisch is voor het eiwit dat in het eliminatiedieet aanwezig is. In dat geval kun je een nieuw eliminatiedieet met een ander eiwit proberen, maar sluit ook andere oorzaken niet uit, zoals bijvoorbeeld een allergie voor omgevingsfactoren (atopische dermatitis). Over het algemeen kunnen honden met een voedselovergevoeligheid prima functioneren, zolang ze een hypoallergeen dieet krijgen. Want ja, een voedselovergevoeligheid is vrijwel altijd levenslang. Er zijn maar weinig gevallen bekend waarbij honden ‘er overheen groeien’. Het zal misschien een beetje zoeken zijn naar de juiste samenstelling en natuurlijk naar wat past bij jou en je hond, maar uiteindelijk heeft je hond er met de juiste voeding weinig tot geen last meer van. Naast het gewone dagelijkse voer van je hond wil je je hond natuurlijk ook af en toe wat lekkers te snacken geven. Hiervoor zijn heel veel verschillende hypoallergene snoepjes of snacks op de markt, maar wist je al dat Bellobox ook een eigen hypoallergene box heeft met grote snacks voor de echte doorbijters? Een super initiatief als je het mij vraagt, zo hebben zelfs de honden met een overgevoeligheid wat te snacken!
Kamperen met je hond in de winter

Kamperen met je hond in de winter

16-11-2021
Heb jij gekampeerd de afgelopen maanden? Zo ja, dan is de kans groot dat je je kampeerspullen inmiddels weer in dozen op zolder hebt gezet. Netjes opgeborgen tot de temperaturen weer omhoog gaan. Het officiële kampeerseizoen is namelijk voorbij. Maar wist je dat je ook in de winter prima kunt kamperen? Winterkamperen wordt steeds populairder en dat kan ook met je hond! Gezellig met je hond bij een kampvuur en 's nachts warm samen onder dekentjes in je tent: wie wil dat niet :-) Zou jij het de komende winter wel eens willen proberen? Dit is hoe je het aanpakt: Een camping zoeken Zoek een camping waar je hond welkom is én waar je een kampvuur mag maken. Zonder vuurtje zijn de avonden namelijk lang en koud. In Nederland en België is het vaak even goed zoeken naar dit soort plekken, maar ze zijn er wel! Kijk bijvoorbeeld eens op campspace.com, natuurkampeerterreinen.nl of kampeerclub.nl. blijf in beweging Voor overdag geldt: blijf allebei zoveel mogelijk in beweging. Liefst matig intensief, want door zweten ga je later juist weer afkoelen. Een mooie, lange wandeling is perfect. Eet voldoende Zorg ervoor dat je hond voldoende eet tijdens de kampeerdag. Dit zal tijdens het winterkamperen meer zijn dan normaal, in verband met de kou. Jezelf warm houden kost energie, als je hond niet voldoende voedsel heeft om te verbranden krijgt hij het dus sneller koud.⁠ Warme kleren Pak voldoende warme kleren in, voor zowel jezelf als voor je hond. Sommige honden kunnen zichzelf goed warm houden in koude nachten, maar de meeste honden kunnen wel wat extra bescherming gebruiken. Bedenk dat je hond gewend is om in een warm huis te slapen, dus een warme 'pyjama' is geen gek idee. Er bestaan warme, isolerende jasjes voor honden waarmee je hem 's nachts goed warm houdt. Een warm kleedje Zorg voor een warm kleedje om 's nachts over je hond heen te leggen, mocht hij het toch nog koud krijgen. Je kunt ook een speciale hondenslaapzak meenemen en zorgen dat je hond er helemaal in ligt.⁠ Dit soort hondenslaapzakken zijn inmiddels in vele soorten en maten te koop. Kies er eentje van goed materiaal, die echt warmte vasthoudt. Pak een isolatiematje in Pak ook een isolatiematje in voor je hond. Deze matjes zijn niet duur en zorgen voor heel veel extra warmte. Je kunt dit soort matjes in een mensenmaat aanschaffen en dan doormidden knippen. Leg de zilveren kant altijd naar boven.⁠ Het matje reflecteert dan de lichaamswarmte van je hond, zodat hij warmer blijft. Extra voorbereiding Stop altijd een nood-isolatiedeken in je EHBO-kit. Dat is zo'n klein, opgevouwen dekentje met aan de ene kant zilver en de aan de andere kant goud. Leg de zilveren kant naar je hond toe (gouden kant naar buiten), dan reflecteert de deken de lichaamswarmte van je hond. Je kunt deze gebruiken voor noodgevallen, als je hond het ineens veel kouder heeft dan je had ingeschat. In deze fase wil je eigenlijk niet terechtkomen en je moet je hond dan snel naar een warme omgeving brengen.⁠ Warm de tent in Loop het laatste plasrondje vlak voor jullie gaan slapen. Door de beweging warmen jullie allebei op en kunnen jullie warm de tent in.⁠ profiteer van elkaars lichaamswarmte Sharing is caring: ga dicht tegen je hond aanliggen, zodat jullie van elkaars lichaamswarmte profiteren.⁠ Geniet van jullie stoere avontuur! De volgende ochtend is het even doorbijten om je warme slaapzak open te ritsen en de tent uit te gaan, maar met een blije hond naast je is deze stap veel makkelijker: maak direct een mooie ochtendwandeling om warm te worden en geniet van jullie stoere avontuur!
Beweging: je hond binnen vermaken bij slecht weer

Beweging: je hond binnen vermaken bij slecht weer

09-11-2021
Bij Bellobox vinden we gezonde voeding voor de hond erg belangrijk. Daarom vind je in ons assortiment enkel natuurlijke snacks terug. Maar ook op andere vlakken dan voeding kun je iets betekenen voor de fysieke en mentale gezondheid van je hond. Beweging en vermaak zijn dan ook belangrijk voor een vrolijke en fitte hond. Maar hoe zorg je ervoor dat je hond voldoende uitdaging krijgt op een dag dat het weer tegen zit? Of wanneer je zelf niet de deur uit kunt? Vandaag delen we een lijst met ideeën om je hond ook tijdens gure weersomstandigheden of in zelfquarantaine tevreden kunt houden. De neus, het meest belangrijke zintuig van je hond De hondenneus is ontzettend bijzonder. Wij kunnen het ons haast niet voorstellen, informatie opdoen door ergens aan te snuffelen. Maar de hond is er een expert in. Het bieden van veel snuffelmogelijkheden zal je hond dus zeker waarderen. En als het regent, kun jij de neus van je hond binnenshuis prima aan het werk zetten! Een interactieve manier om de neus van je hond te activeren is verstoppertje spelen. Zeg tegen je hond dat hij moet blijven, verlaat de ruimte en verstop jezelf achter bijvoorbeeld een deur of een gordijn. Zorg ervoor dat je makkelijk begint en de moeilijkheidsgraad steeds verder opbouwt. Beloon je hond na het vinden met een stoeisessie, of eventueel met een beloningskoekje. Ook het favoriete speelgoed van je hond kun je verstoppen. Start ook daarmee simpel (leg het voorwerp bijvoorbeeld in zicht van je hond achter je neer) en bouw dit spelletje langzaam op. Beloon je hond door met het gevonden speelgoed even te spelen. Je kunt zelfs een stap verder gaan, door je hond een geurvoorwerp te leren vinden en markeren. Hiervoor raad ik aan een cursus te nemen van een expert, om meer te leren over professioneel speurwerk. Wie weet vinden jullie een nieuwe sport en kan je hond een certificaat behalen. Zo wordt voeren een feest Ook de maaltijden van je hond kunnen leuker gemaakt worden. Altijd eten uit een bak is vast lekker, maar niet erg uitdagend. Voer je brokken? Gebruik dan onze snuffelmat. Deze is te vullen met een maaltijd brokjes, of met snacks uit onze beloningsbox! Heb je nog geen snuffelmat besteld, dan kun je tot die tijd ook wat voer in het gras strooien, maar dat raden we af als het buiten koud en nat is. Er bestaan verscheidene puzzels voor honden, waarin brokjes te verstoppen zijn. Voer je brokjes en heb je geen puzzel in huis? Dan kun je ook een oude handdoek oprollen en telkens kleine handjes brokken toevoegen, of een doos vullen met wc-rollen en daar de brokjes in laten vallen. Zo wordt de maaltijd een stuk meer uitdagend. Voer je natvoer of vers vlees? Overweeg dan een likmat waaorp je nat- of versvoer kunt invriezen, of ballen die je kunt vullen. Om deze manier van voeren nog leuker te maken en meer structuur toe te voegen, kun je een variatie snacks uit ons assortiment tussen het vlees verstoppen. Samen leren Wanneer buiten oefenen om netjes te wandelen en honden te negeren niet mogelijk is door de weersomstandigheden, kun je thuis ook werken aan gehoorzaamheid. Zijn er commando's die je je hond altijd al had willen aanleren, maar waar je nooit aan begonnen bent? Misschien is dit de juiste tijd voor zo'n uitdaging. Blaft je hond wanneer mensen het huis passeren of aanbellen? Schakel wat vrienden in om probleemsituaties in scene te zetten en samen te trainen! Er is altijd wel iets waaraan je kunt werken, al zijnde het trucjes voor de lol of commando's voor gehoorzaamheid. Geen idee wat je je hond aan kunt leren?  Misschien vind je freeshapen dan wel leuk. Ga samen met je hond op de grond zitten en houd wat beloningssnacks in je hand. Blijf naar je hond kijken en wacht tot hij/zij iets doet. Het maakt niet uit wat, iedere beweging kun je belonen. Het zal je verrassen hoe veel trucs je hond uit de kast zal trekken! Mocht je hond al een aantal trucjes kennen, dan zou je onderzoek kunnen doen naar balansoefeningen en back-end awareness. We zullen hier in de toekomst ook zelf over schrijven! Actief bezig zijn Ook binnen kun je je hond op meer intensieve wijze vermaken. Denk bijvoorbeeld aan een ouderwets potje touwtrekken, of ga eens echt met je hond ravotten. Wellicht houd je er een blauwe plek aan over, maar als je het ons vraagt is dat het zeker waard! ;) Hoe vermaak jij je hond wanneer je liever niet naar buiten gaat? We zijn erg benieuwd naar jullie tips!
Hondenvoeding: 5 veelgestelde vragen over hondenvoeding

Hondenvoeding: 5 veelgestelde vragen over hondenvoeding

22-09-2021
Bij Bellobox vinden we gezonde voeding voor de hond erg belangrijk. Daarom vind je in ons assortiment enkel natuurlijke snacks terug. Wij vroegen onze voedingsexpert, of zij haar kennis over hondenvoeding wil delen. Vanaf nu vind je iedere maand een educatieve blogpost terug waarin ze alle ins en outs over gezonde voeding bij de hond deelt. Deze week schrijven we onze blogpost naar aanleiding van een samenwerking met Petplan. Marijke werd eerder dit jaar geïnterviewd door het team van Petplan, om haar kennis over voeding te delen met hun klanten. Ze beantwoordde de 5 veelgestelde vragen over honden én over katten. Vandaag werken we de hondenvragen even wat verder uit, want ook jullie kunnen er wellicht het een en ander van leren!   1. Hoeveel moet ik mijn hond voeren? Overgewicht is een groot probleem bij honden in Nederland. Bij honden, net als bij mensen, is overgewicht de oorzaak van gewrichtsproblemen, maar ook veel andere gezondheidsprobleem liggen eraan te grondslag. Zelfs een verkortte levensduur is vaak het resultaat van overgewicht bij honden. We schrijven er in de toekomst een meer uitgebreide blogpost over, want daar valt veel over te zeggen! De correcte hoeveelheid voeding speelt een grote rol bij het behouden (of het bereiken) van een gezond gewicht, zowel bij mens als huisdier. Iedere hond heeft een bepaalde energiebehoefte. Deze energiebehoefte verschilt niet enkel tussen rassen, maar ook binnen een ras zien we grote verschillen tussen individuen. Dit wordt onder meer beïnvloed door het formaat van het lichaam (een kleiner dier heeft een grotere lichaamsoppervlakte en verbrandt daardoor meer energie), door de hoeveelheid beweging die het dier krijgt, maar ook genetische verschillen spelen hierin een rol. Voer je brokken? Dan raden wij je in eerste instantie aan om te kijken naar het label op de verpakking brokken. Volg de gemiddelde advieshoeveelheid voor de (gewenste) gewichtsklasse van je hond en pas de hoeveelheid voeding aan indien de hond te licht of te zwaar wordt. Koop je een nieuwe soort brokken? Vergelijk dan het caloriegehalte met die van de oude brok. Heeft de nieuwe brok meer calorieën, dan moet je iets minder gaan voeren. Voer je verse voeding? Dan heeft een hond gemiddeld 2-3% van zijn ideale lichaamsgewicht in voeding per dag nodig, extremen daargelaten. Is je hond op gezond gewicht, dan voer je dus in het geval van een lichaamsgewicht van 20 kilo, zo’n 20.000 * 0.02 = 400 tot 20.000 * 0.03 = 600 gram per dag (verdeeld over 1-3 maaltijden). Het vetgehalte van de brok of de verse voeding heeft de meeste invloed op het aantal calorieën in de voeding. Vet bevat per gram 9 calorieën, terwijl eiwitten en koolhydraten slechts 4 calorieën bevatten. Wissel je dus tussen diersoorten/smaken, let dan op het calorie gehalte en de voedingsadviezen. Ben je erg actief bezig met je hond? Dan voer je al snel veel meer dan aangegeven staat op de verpakking. Afwijkingen als deze gelden ook voor honden die weinig bewegen. Verbaas je dus ook niet als je hond veel minder nodig heeft. Ieder dier is anders! Vul ook nooit de voerbak aan simpelweg omdat de hond bedelt of omdat de bak leeg is. De meeste honden eten meer dan nodig en blijven gedurende de dag wat snacken (net als wij doen wanneer er koekjes op tafel staan). 2. Wat kan ik op voedingsgebied doen om het gebit van mijn hond gezond en schoon te houden? Wanneer voedselresten blijven plakken in de tanden, zijn er meer bacteriën aanwezig die tandplak vormen. Brokken worden vochtig bij kauwen en laten makkelijk restjes achter in de bek. Het is verstandig om wekelijks een moment in te schakelen om de tanden van je hond te reinigen. Dit kan door een doekje om je vinger te vouwen en hiermee over de tanden te wrijven, maar er zijn ook verschillende soorten tandenborstels voor honden beschikbaar. Ook tandpasta is goed te verkrijgen, ook kokosolie is een simpele optie. Het voeren van een gebalanceerde vers vlees voeding kan absoluut gunstig zijn voor de tanden. Er blijven meestal minder resten kleven tussen de tanden. Ook zou ik adviseren taai gedroogd vlees aan te bieden, waar de hond lang op kan kauwen. Je vindt deze terug in bijna al onze boxen, maar we hebben er speciaal onze doorbijtersboxen voor ontwikkeld. Deze bestaat ook in een hypoallergene variant, die honden met een intolerantie voor kip en rund ook goed kunnen verdragen. Ik prefereer gedroogd taai vlees boven commerciële kauwstaven, omdat de ingrediënten uit dergelijke snacks niet gezond zijn voor een hond. Ook zal de gemiddelde hond ze binnen een minuut op hebben gegeten. Stukken taai kophuid van bijvoorbeeld rund of kameel gaan vaak erg lang mee. Hoe langer een hond op een snack kauwt, hoe meer de tanden gepoetst worden en hoe meer het tandvlees gemasseerd wordt. 3. Hoelang zijn brokken houdbaar? Veel brokken worden verrijkt met omega-3 vetzuren uit vis- of lijnzaadolie. Deze vetzuren vergaan erg snel wanneer ze in contact komen met zuurstof en zonlicht. Dit betekent dus dat brokken na openen niet zo lang houdbaar zijn als de zak aangeeft. Wordt het tijd een nieuwe zak voer in huis te halen? Koop dan niet meer dan nodig is voor 14 dagen tijd, of kies voor meerdere kleinere zakken. Koop je toch liever een voordeelverpakking, bewaar dan (een deel van) de brokken in de vriezer. Het deel brokken dat je geopend op kamertemperatuur houdt gedurende de 14 dagen, kun je het beste in een luchtdichte bak bewaren. Maak deze bak grondig schoon zodra ze leeg is en vul weer aan met de gewenste hoeveelheid voor maximaal 14 dagen. 4. Welke botten voer ik mijn hond veilig en welke niet? Botten die met hitte behandeld zijn, zijn niet veilig te voeren aan je hond. Het gaat hier bijvoorbeeld om gerookte, gekookte of gestoomde botten. Deze kunnen tandbreuken veroorzaken, omdat de dichtheid van het materiaal hoger is dan dat van tanden. Vergelijk het met een steen die op hout duwt, waarbij een verhit bot een steen is en de hondentand een stuk hout. Daarnaast veroorzaken stukken verhit bot ook verstoppingen in het maag-darmstelsel omdat de hondenmaag (die ontzettend sterk is) het materiaal niet verteren kan. Ook splijten verhitte botten vaak in dikke, harde en scherpe stukken, die zelfs perforaties kunnen veroorzaken. Voer je rauwe botten, houd je dan aan zacht gevogelte, zoals vleugels, nekken en voetjes van kip en eend. Voer geen dikke botten die veel gewicht hebben gedragen. Ook ribben en staarten van sommige diersoorten zijn goed te verteren. In contrast tot wat men vaak beweert, zijn kippenbotten niet per definitie slecht voor je hond. Ze zijn juist het meest veilig wanneer ze rauw gevoerd worden. Maar wanneer verhit, veroorzaken ze al snel verstoppingen in het verteringsstelsel. 5. Bij welke voeding heeft mijn hond weinig ontlasting? Bij gebalanceerde verse voeding heeft een hond vaak minder ontlasting, die ook steviger en minder geurend is. Dit wordt veroorzaakt door de lichte verteerbaarheid van de ingrediënten, die passend zijn bij het korte verteringsstelsel. Honden verteren vlees erg goed en een overschot aan plantaardig materiaal wordt vaak maar deels of slecht verwerkt. Dit ziet men dan ook terug in de ontlasting. Deze wordt vaak vochtiger en erg geurend. We schreven eerder een blogpost over het toevoegen van verse voeding aan een bak met brokjes. Wellicht kun je dat eens proberen om de voordelen van verse voeding op de ontlasting van je hond te zien!
Hondentaart maken: 3 makkelijke en gezonde recepten

Hondentaart maken: 3 makkelijke en gezonde recepten

08-09-2021
Auteur: Bellobox redactie Een hondentaart maak je met een paar veilige ingrediënten zoals banaan, pindakaas zonder xylitol, ei en verkruimelde hondenkoekjes, in ongeveer 30 minuten. Hieronder vind je drie recepten: gebakken, no-bake en hartig. Het grote voordeel van zelf bakken: je weet precies wat erin zit. De meeste taartrecepten die je online tegenkomt bevatten havermout als bindmiddel, maar bij Bellobox draait alles om vlees en vis als eiwitbron, dus vervangen we dat in elk recept hieronder door verkruimelde hondenkoekjes. Zo blijft de taart net zo feestelijk, maar wel zoals wij vinden dat een hondensnack eruit hoort te zien. Recept 1: basistaart met banaan en pindakaas Deze gebakken basistaart maak je met banaan, pindakaas en verkruimelde hondenkoekjes in plaats van havermout, in ongeveer 40 minuten. Dit is het recept om mee te beginnen als je voor het eerst een hondentaart bakt: simpele ingrediënten, geen bijzonder keukengerei nodig. Bereidingstijd: 10 minuten voorbereiden, 30 minuten bakken. Ingrediënten: 2 rijpe bananen 3 eieren 4 eetlepels pindakaas zonder xylitol, suiker of zout 150 gram verkruimelde Bellobox-hondenkoekjes Bereiding: Verwarm de oven voor op 170 graden. Prak de bananen fijn in een kom. Klop de eieren erdoor en meng de pindakaas erdoorheen. Meng de verkruimelde hondenkoekjes erdoor tot een dik, gietbaar beslag. Giet het beslag in een ingevette bakvorm en bak 25 à 30 minuten, tot de taart goudbruin en gaar is. Laat volledig afkoelen voordat je de taart serveert. Banaan is hier het basisingrediënt, en in kleine porties een veilige snack voor de meeste honden. Binnenkort volgt daar een apart artikel over in onze "mag een hond"-serie. Deze taart bewaar je afgedekt maximaal 2 à 3 dagen in de koelkast; losse punten kun je ook prima invriezen voor later. Recept 2: no-bake taart met yoghurt Deze no-bake taart maak je zonder oven en zonder pindakaas, met een bodem van verkruimelde hondenkoekjes en een romige laag yoghurt. Bereidingstijd: 10 minuten voorbereiden, minstens 2 uur opstijven in de koelkast. Ingrediënten: 200 gram verkruimelde Bellobox-hondenkoekjes 2 eetlepels gesmolten kokosolie 300 gram ongezoete yoghurt of kwark 1 banaan, in plakjes Bereiding: Meng de verkruimelde hondenkoekjes met de gesmolten kokosolie. Druk het mengsel als bodem aan in een taartvorm. Verdeel de yoghurt of kwark over de bodem. Leg de bananenplakjes erop als decoratie. Zet minstens 2 uur in de koelkast tot de taart stevig is. Ongezoete yoghurt is voor de meeste honden in kleine hoeveelheden prima, en een goed alternatief als je hond niet zo van pindakaas houdt of je geen oven wilt gebruiken. Kies bij voorkeur magere of lactosevrije yoghurt, zeker als je weet dat je hond gevoelig is voor zuivel. Deze taart houdt zich, net als recept 1, twee tot drie dagen afgedekt in de koelkast. Recept 3: hartige taart met KVV Deze hartige taart is de variant voor honden die niet van zoet houden, gemaakt van rauwe KVV met ei en verkruimelde hondenkoekjes in plaats van havermout: geen oven nodig, de vriezer doet het werk. Bereidingstijd: 10 minuten voorbereiden, minstens 3 à 4 uur invriezen. Ingrediënten: 500 gram KVV (bijvoorbeeld rund of kip) 1 ei 100 gram verkruimelde Bellobox-hondenkoekjes 2 eetlepels ongezoete kwark, om te versieren Bereiding: Meng de KVV met het ei en de verkruimelde hondenkoekjes tot een samenhangend geheel. Druk het mengsel gelijkmatig in een taartvorm. Zet minstens 3 à 4 uur in de vriezer, tot de taart stevig genoeg is om uit de vorm te halen. Laat vlak voor het serveren een paar minuten iets ontdooien, en versier met een likje kwark. Werk voor deze taart met vers gekoelde KVV en bewaar 'm tot vlak voor het serveren in de koelkast of vriezer, precies zoals je met rauwe voeding altijd doet. Liever een uitgebreidere, gelaagde vleestaart met meerdere smaken en een echte taartvorm-techniek? Bekijk ons uitgebreide recept voor hondentaart maken van vlees. Deze eenvoudigere versie hierboven is ideaal als je snel iets hartigs wilt maken zonder te bakken. Dit mag nooit in een hondentaart Alles met suiker, zoetstof of chocolade blijft uit de taart. Suiker geeft onnodige calorieën en draagt bij aan overgewicht en gebitsproblemen, ook als het maar om één taart per jaar gaat. Xylitol is giftig voor honden en zit vaak verstopt in light-pindakaas als suikervervanger, dus check altijd het etiket voordat je pindakaas gebruikt. Chocolade is in elke vorm verboden voor honden, van pure chocola tot cacaopoeder in een taartbeslag. Boterroom en slagroom met suiker zijn te vet en te zoet voor een hondenmaag en geven al snel diarree. En rozijnen en druiven, ook als kleine decoratie, kunnen bij honden nierschade veroorzaken, zelfs in kleine hoeveelheden, dus ook als je aan een mensentaart denkt te versieren, houd die twee volledig uit de buurt van je hond. Versieren en serveren: hoeveel taart mag je hond? Hoeveel taart je hond mag hangt af van zijn gewicht: een kleine hond tot 10 kilo krijgt een klein puntje, een middelgrote hond een ruimer stuk, en een grote hond maximaal een kwart taart. De rest vries je in of verdeel je over meerdere dagen, precies zoals bij de recepten hierboven. Taart telt net als elke andere snack mee in de 10%-regel voor de dagelijkse calorie-inname, en een taart is calorierijker dan een gemiddelde snack, dus reken 'm ook zo mee. Wil je dat concreet uitrekenen voor jouw hond? Lees hoeveel snacks mag een hond per dag. Versiertip: gebruik hondenkoekjes als eetbare decoratie bovenop de taart, dat oogt feestelijk en is meteen veilig. Vier je met meerdere honden tegelijk, bijvoorbeeld met vriendjes uit de buurt of familie op bezoek? Verdeel de taart dan in aparte stukken en geef elke hond zijn eigen portie op wat afstand van de andere honden. Zo voorkom je dat honden gaan schrokken of onderling gaan wedijveren om de lekkernij. Geen tijd om te bakken? Geen tijd of zin om zelf te bakken? Een handjevol natuurlijke hondenkoekjes of hondensnoepjes is net zo feestelijk, zonder dat je de oven aan hoeft. Stapel ze gewoon op een bordje of steek er een kaarsje bij, en je hond merkt het verschil met een echte taart niet eens. Een hondentaart hoeft trouwens niet alleen voor een verjaardag te zijn. Dierendag, een geslaagde puppycursus, of gewoon een extra goede wandeling zijn allemaal prima aanleidingen om je hond te verwennen met iets huisgemaakts. Ben je op zoek naar een leuk verjaardagscadeau in plaats van zelf te bakken? Kijk dan ook eens naar onze Bellobox-verjaardagsboxen, vol natuurlijke hondensnacks voor elke hond wat wils. Dat is net zo goed altijd een leuk cadeau, en je hond hoeft er niet op te wachten tot de vriezer of oven klaar is. Lees ook Hondentaart maken van vlees: het uitgebreide recept Hondenijsjes maken: 5 makkelijke recepten Hoeveel snacks mag een hond per dag? Kerstdiner voor de hond 5 kerstcadeaus voor de hondeneigenaar Gecontroleerd door: Bellobox redactie.
Hondensport: IGP

IGP hondensport: wat is het en hoe begin je?

25-08-2021
Hi! Mijn naam is Lisanne, ik ben 26 jaar oud en in het dagelijks leven werkzaam als dierenarts. Naast mijn werk ben ik vrijwel altijd buiten te vinden, te paard of met de hond. Mijn hond Boots is een zwarte Oud-Duitse herder van bijna 1,5 jaar oud. Je hebt hem misschien al eens voorbij zien komen bij Bellobox, hij is een groot fan van de snacks. Zijn persoonlijke favoriet is het runderoor met pit J Voordat wij een herder kochten heb ik altijd Labradors getraind voor de jacht, maar nu was het tijd voor een nieuwe sport waarin zowel Boots als ik ons ei kwijt konden. En dat werd IGP! IGP staat voor Internationale Gebruikshonden Prüfungsordnung en is een tak van de werkhondensport die oorspronkelijk ontstaan is in Duitsland. Vroeger stond het ook wel bekend als IPO-training. In principe kunnen alle werkhondenrassen van de FCI deelnemen aan IGP-wedstrijden!  Wat is IGP? Voordat je mag deelnemen aan IGP-wedstrijden of -examens, moet je hond een Verkeerszekere Hond (VZH) examen halen. Hiermee laat je zien dat jouw hond zich sociaal en gehoorzaam kan gedragen in alledaagse situaties. Dit examen bestaat uit een appèl-gedeelte met gehoorzaamheidsoefeningen op het veld en een praktijkgedeelte op de openbare weg. De gehoorzaamheidsoefeningen zijn volgens een vast programma en lijken op de oefeningen van het IGP-programma. Bij het praktijkgedeelte wordt gekeken hoe de hond reageert op bijvoorbeeld hardlopers, fietsers en groepen mensen. Het daadwerkelijke IGP-programma kan je pas daarna afleggen en dat bestaat uit 3 onderdelen: speuren, appèl en pakwerk/verdedigingswerk. Ieder IGP-examen bevat deze onderdelen, in de moeilijkheidsgraden IGP-1, IGP-2 en IGP-3. Bij het speuren wordt er een spoor uitgelopen door een spoorlegger, al dan niet met voorwerpen waar de hond naar moet verwijzen door er bij te gaan liggen, zitten, stilstaan of het voorwerp te apporteren. Voor het appèl gedeelte is er een vast programma dat, net als het speuren, steeds iets moeilijker wordt naarmate je in een hogere klasse komt. Tijdens het appèl gedeelte wordt getest of je hond gehoorzaamt op jouw commando’s zoals zit, af, volg, maar ook apporteren en springen zijn een onderdeel van het appèl. Daarnaast wordt ook getest of de hond schotvast is. Als laatste onderdeel volgt dan nog het pakwerk/verdedigingswerk. Bij het pakwerk moet de hond een ‘boef’ (de pakwerker) opsporen, aanblaffen en begeleiden bij de verplaatsing. Wanneer de pakwerker probeert te vluchten, moet de hond ingrijpen. Tijdens het pakwerk wordt ook de belastbaarheid van je hond getest, hoe reageert de hond op bijvoorbeeld geschreeuw of dreiging? Onze ervaring Als ik heel eerlijk ben, wilde ik in het begin niet beginnen aan IGP met mijn (jonge) hond. Ik kwam zelf uit de jachthondenwereld en ik had geen ervaring met IGP of KNPV, maar ik was bang dat mijn hond misschien meer ging bijten of juist wel in sociale situaties ging bijten terwijl dat niet van hem gevraagd werd. Op de club werden we uitgenodigd om een keer te komen kijken tijdens de verschillende trainingsonderdelen en konden we kletsen met de trainers. Iedereen gaf daar eigenlijk hetzelfde antwoord: mijn hond ligt ondersteboven op de bank als we niet aan het trainen zijn, mijn kinderen kunnen er alles mee, het is een spelletje voor ze, etc. Uiteindelijk na lang wikken en wegen zijn we gestart met IGP toen Boots 6 maanden was. En wát een beslissing was dat! In de eerste instantie begonnen we alleen met speuren en appèl en na een paar weken ook met pakwerk. Dat was wel een uitdaging, want voor een herder blaft Boots heel erg weinig (wel fijn in huis) en dat is wel een van de verplichte onderdelen van pakwerk. Bijten daarentegen, vond hij fantastisch! Ik had zelfs het idee dat het knagen op dingen in huis minder werd, alsof er nu een soort ‘kader’ was waarin er gebeten mocht worden. De pakwerker is zowel op het veld als buiten het veld zijn beste vriend, op het veld spelen ze een spelletje samen, buiten het veld springt hij hem in zijn armen omdat ze altijd leuke dingen doen samen. Ik ben er inmiddels wel achter dat het écht een spelletje is voor ze, ze gaan voor de mouw en niet voor de persoon die in het pak zit. Daarbij is wel het verschil met de KNPV dat ze bij IGP ook alleen maar op de mouw (onderarm) mogen bijten, niet op been, schouder of bovenarm. De honden vinden het IGP programma in ieder geval fantastisch, als ik op zaterdag (trainingsdag) niet op tijd mijn bed uit kom, dan komt Boots me halen! Zodra ze het veld op komen is het alsof er een knop om gaat en dan is er alleen nog maar aandacht voor jou als geleider. Voor iedereen die (misschien) interesse heeft in IGP kan ik alleen maar zeggen, kom eens kijken bij een training en laat je overtuigen!
hulp bij: Waterintoxicatie

Watervergiftiging bij honden: symptomen en eerste hulp

24-08-2021
Symptomen van watervergiftiging bij honden Herken je een van de volgende symptomen bij je hond na het zwemmen? Dan kan er sprake zijn van watervergiftiging: Lusteloosheid Misselijkheid (smakken, likken aan de lippen) Kokhalzen en braken Gebrek aan coördinatie Glazige ogen Overmatige speekselproductie Bleke slijmvliezen van mond en ogen In ernstigere gevallen kunnen ook deze symptomen optreden: Ademhalingsproblemen Epileptische aanvallen Verlies van bewustzijn Herken je een van deze symptomen bij je hond na een zwempartij? Neem dan direct contact op met je (spoed)dierenarts en vermeld dat je een watervergiftiging vermoedt. Thuis, tijdens een wandeling of op vakantie, een ongeluk zit in een klein hoekje. Denk hierbij aan een zonnesteek, wonden of vergiftiging. In deze EHBO serie proberen we meer te vertellen over de achtergrond en pluizen we uit wat de beste (spoed)behandeling is die je zelf kan uitvoeren in deze gevallen. In deze blog gaan we dieper in op verantwoord afkoelen en watervergiftiging. Je hoopt natuurlijk dat het jouw trouwe viervoeter nooit overkomt, maar wat doe je als je hond toch zwemt in water met blauwalg? Achtergrondinformatie Water is natuurlijk hartstikke belangrijk, maar in de zomer kan het ook tot vervelende situaties leiden. Te weinig water (in combinatie met te veel zon) is niet goed en kan leiden tot een zonnesteek, voor meer informatie over de zonnesteek kun je onze vorige blog lezen. Maar ook te veel of vervuild water kan voor problemen zorgen! De problemen bij te veel water drinken ontstaan door een verstoorde balans van natrium en kalium in de lichaamscellen. Dit zijn twee elektrolyten die in iedere cel voorkomen en zorgen voor de vochtbalans en het normaliseren van de bloeddruk. Normaal zijn deze twee elektrolyten in balans en kunnen ze er samen goed voor zorgen dat alle cellen in het lichaam naar behoren blijven functioneren. Wanneer er te veel water in het lichaam komt, kan het lichaam dit niet snel genoeg afvoeren en is er meer water in het lichaam aanwezig dan natrium en kalium. Het wateroverschot in het lichaam ten opzichte van de hoeveelheid kalium en natrium, zorgt ervoor dat de lichaamscellen gaan opzwellen, wat kan leiden tot problemen met de ademhaling, het bewustzijn of de coördinatie. Vooral bij de hersenen is het risico op problemen groot wanneer de hersencellen gaan opzwellen, aangezien de hersenen binnen de schedel maar een beperkte hoeveelheid ruimte hebben om het grotere volume van de cellen kwijt te kunnen.  Naast een watervergiftiging kan ook blauwalg in de zomer voor problemen zorgen voor jouw hond. Blauwalgen zijn geen algen of wieren, maar (cyano)bacteriën. Deze bacteriën kunnen in zowel zoet als zout water overleven, mits er voldoende voedingsstoffen aanwezig zijn. Wanneer de temperatuur van het water stijgt en er zijn voldoende voedingsstoffen aanwezig in het water, kunnen de bacteriën flink gaan groeien en een laag op het water vormen, meestal met een groene of roodbruine kleur. De blauwe kleur waar de bacteriën hun naam aan danken ontstaat pas als de bacteriën afsterven. Dit vormt dan een blauwe waas over het water, waaraan blauwalg makkelijk te herkennen is. Als de onderkant van deze laag afsterft komen er gifstoffen (toxines) vrij in het water, die kunnen ervoor zorgen dat honden, katten, paarden, koeien, mensen of andere zoogdieren ziek worden wanneer ze dit water met toxines binnenkrijgen. Let wel, honden zijn veel gevoeliger voor blauwalgtoxines dan mensen! Het kan dus zijn dat jij weinig merkt van water met blauwalg, maar je hond wel symptomen kan krijgen. Over het algemeen staat bij bekende (zwem)wateren goed aangegeven of er risico is op blauwalg, maar ben zelf ook extra alert op blauwalg in de zomermaanden, zeker bij zwemmen in natuurwater.  Op de website https://www.zwemwater.nl kun je precies zien welke gebieden veilig zijn. Verschijnselen en behandeling Bij watervergiftiging zien we verschijnselen als lusteloosheid, misselijkheid (smakken, likken aan de lippen), kokhalzen en braken, gebrek aan coördinatie, glazige ogen, overmatige speekselproductie en bleke slijmvliezen van de mond en ogen. In de ernstigere gevallen zien we ook ademhalingsproblemen, epileptische aanvallen en verlies van bewustzijn. Heb je een verdenking op een watervergiftiging of zie je deze symptomen bij je hond na een uitgebreide zwempartij? Neem dan direct contact op met je eigen (spoed)dierenarts en vermeld daarbij dat je denkt aan een watervergiftiging. Meestal zal de dierenarts gebruik maken van een bloedonderzoek om te kijken hoe de concentraties natrium en kalium in het bloed zijn. Bij te lage concentraties kunnen we natrium en kalium bijgeven via een infuus om te balans te herstellen. Bij snelle herkenning van de symptomen en adequate behandeling hoeft een watervergiftiging geen blijvende schade te veroorzaken. Een intoxicatie met blauwalgtoxines heeft vergelijkbare symptomen, zoals sloomheid, ademhalingsproblemen, overmatige speekselproductie, braken, trillen, slechte coördinatie en epileptische aanvallen. Andere symptomen die voorkomen bij blauwalgintoxicatie kunnen zijn diarree en gele (of blauwe) slijmvliezen. Deze symptomen kunnen al binnen een aantal minuten na het opnemen van de blauwalgtoxines optreden! Er is helaas geen tegengif voor vergiftiging door blauwalg, de behandeling zal dus gericht zijn op het voorkomen van verdere opname van de toxines in het maagdarmkanaal en het stabiliseren van de vitale lichaamsfuncties. Het voorkomen van verdere opname in het maagdarmkanaal kan bijvoorbeeld door de hond te laten braken, de maag te spoelen, of met  toediening van koolstofpoeder. Koolstofpoeder (Norit) kan de toxines binden in de darmen, zodat het lichaam ze niet kan opnemen. Het is afhankelijk van de het gewicht/de grootte van de hond hoe gevaarlijk de bacterie is, hoe kleiner de hond/hoe minder de hond weegt, hoe groter de schade aan de lever en het zenuwstelsel. Wat kun je zelf doen? Sowieso doe je er goed aan om je hond na het zwemmen af te spoelen met schoon water na het zwemmen, zodat je hond in ieder geval niets kan opnemen door het op te likken van de vacht. Bij een watervergiftiging of blauwalgintoxicatie is er verder weinig dat je zelf voor je hond kan doen als eerste hulp. Bij beide is het van levensbelang om direct actie te ondernemen en contact te zoeken met je (spoed)dierenarts. Doordat de symptomen veel op elkaar lijken is het van groot belang om je dierenarts te vertellen dat je hond gezwommen heeft en eventueel in welk water.
Eerste hulp bij: Hitte

Eerste hulp bij: Hitte

30-06-2021
Thuis, tijdens een wandeling of op vakantie, een ongeluk zit in een klein hoekje. Denk hierbij aan een zonnesteek, wonden of vergiftiging. In deze EHBO serie proberen we meer te vertellen over de achtergrond en pluizen we uit wat de beste (spoed)behandeling is die je zelf kan uitvoeren in deze gevallen. In deze blog gaan we dieper in op verantwoord afkoelen tijdens hete dagen en de zonnesteek, een combinatie van uitdroging en oververhitting. Je hoopt natuurlijk dat het jouw trouwe viervoeter nooit overkomt, maar wat doe je als je hond toch een zonnesteek oploopt? Achtergrondinformatie De normale lichaamstemperatuur van een hond ligt tussen de 38,0 en 39,0 graden Celsius. Het kan soms voorkomen dat je hond een lichaamstemperatuur heeft van boven de 39,0 graden, bijvoorbeeld wanneer hij koorts heeft. In dat geval reageert het immuunsysteem op een binnengedrongen ziektekiem, zoals een virus of een bacterie. Een andere manier om een verhoogde lichaamstemperatuur te krijgen is oververhitting. De hond kan dan zijn warmte niet goed kwijt, waardoor de lichaamstemperatuur gaat stijgen. Zoals de meeste eigenaren wel weten, kan een hond niet zweten zoals wij mensen dat kunnen, maar verliezen ze warmte via hun pootjes en via de ademhaling. Maar soms is het moeilijker voor de hond om zijn warmte kwijt te raken, bijvoorbeeld wanneer ze in de volle zon liggen, een dikke vacht hebben of al ademhalingsproblemen hebben. Wanneer je hond zijn warmte niet goed kwijt kan én daarbij niet voldoende drinkt, kan dat leiden tot een zonnesteek zoals we die ook bij mensen kennen.  We hebben het natuurlijk allemaal wel eens (erg) warm, maar waarom is een zonnesteek nou zo gevaarlijk? Juist omdat bij een hogere temperatuur de vitale organen die zo hard nodig zijn, zoals het hart, de nieren en de hersenen, minder goed functioneren. De organen in het lichaam zijn opgebouwd uit eiwitten, bij een te hoge lichaamstemperatuur kunnen de eiwitten denatureren. Dat betekent dat de eiwitten een andere vorm aannemen en hun oorspronkelijke functie niet meer kunnen uitvoeren. Het denatureren is niet omkeerbaar, dit kun je vergelijken met een gekookt ei: een vers ei heeft vloeibaar eiwit, een gekookt ei is solide. Maar hoe goed je een gekookt ei ook afkoelt, het vloeibare eiwit komt niet meer terug. Symptomen van oververhitting Honden die het warm hebben gaan hijgen om hun warmte kwijt te raken. Maar wanneer je hond extreem aan het hijgen is, warm aanvoelt, kwijlt en sloom is? Dan moet je gaan denken aan oververhitting. Een hond met oververhitting voelt over het hele lijf warm aan, ook de pootjes en voetzooltjes en heeft vaak rode slijmvliezen in de bek en bij de ogen. Uiteindelijk zal de hond problemen krijgen met lopen en minder goed aanspreekbaar zijn. Merk je een van deze symptomen op bij je hond? Neem dan zo snel mogelijk contact op met je dierenarts en probeer in de tussentijd je hond af te koelen. Let met warm weer ook extra op oude honden, kortsnuitige honden en honden waarvan bekend is dat zij leiden aan een hart- of longaandoening! Hond afkoelen Wat kun je doen om je hond af te koelen? Bedenk hierbij dat direct in de (hete) auto stappen om naar de dierenarts te rijden niet altijd de beste oplossing is. Breng in ieder geval de hond direct naar een koele plek en bied de hond schoon drinkwater aan op kamertemperatuur. Geef de hond geen ijswater te drinken en gebruik het niet om het lichaam af te koelen. Het lichaam kun je het beste koelen met stromend water op kamertemperatuur, te beginnen bij de pootjes van de hond. Om het lichaam echt af te laten koelen moet de vacht van de hond goed doorweekt zijn, zeker bij een hond met een dikke vacht. Meer zomertips We kunnen het niet vaak genoeg zeggen, laat je hond NIET in de auto achter! Ook niet voor een minuutje om even snel een boodschap te doen, de temperaturen in de auto bereiken in no-time een levensgevaarlijk punt. Probeer wandelen op het heetst van de dag te vermijden en vermijd wandelen op asfalt. Bij een buitentemperatuur van 25 graden loopt de temperatuur van het asfalt op tot 50,5 graden! Twijfel je of het asfalt voldoende is afgekoeld? Leg dan de rug van je hand op het asfalt. Lukt het je niet om je hand 5 seconden zo te laten liggen? Dan is het asfalt te warm voor de pootjes van je hond! Niet enkel kunnen de pootjes op het asfalt verbranden, maar ook kan de hond hierdoor niet afkoelen. Bescherm de huid van je hond tegen de zon! Bijvoorbeeld dieren met een dunne vacht of weinig pigment bij de neus zijn gevoeliger voor verbranding door de zon. Deze plekjes kun je insmeren met een speciale zonnebrandcreme voor honden. Gebruik nooit zonnebrandcreme voor mensen, deze is gevaarlijk voor honden. Neem je je hond mee op vakantie dit jaar? Of gaat hij naar een pension? Check dan vooraf of de vaccinaties van je hond nog up-to-date zijn. Om mee te mogen naar het buitenland heeft je hond minimaal een rabiës vaccinatie nodig, deze enting moet minimaal 3 weken voor vertrek gegeven worden. Het kan per land verschillen welke aanvullende entingen er nodig zijn. Veel pensions stellen een enting tegen kennelhoest verplicht, deze neusenting moet minimaal een week voor het verblijf in het pension gegeven worden.
Hondensport: packraften met je hond

Hondensport: packraften met je hond

23-06-2021
Wij vinden gezond leven voor de hond ontzettend belangrijk. Daarom vind je in ons assortiment enkel natuurlijke snacks terug. Maar gezonde voeding is niet het enige, dat van belang is voor een hond. Beweging en mentale uitdaging zijn voor een hond ontzettend belangrijk. Daarom nodigen we iedere maand een aantal gastbloggers uit, die hun favoriete hondensport of -werk beschrijven. Zo hopen we onze lezers te inspireren om nog meer te ondernemen met hun hond(en). Zie je een bepaalde sport graag terug op onze blog, of heb je vragen over het onderwerp van deze week, laat dan even een reactie achter onderaan deze pagina. In deze blogpost over packraften met je hond, is Laurie Kranendonk aan het woord. Je kent haar al van de blogpost over backpacken, die zij vorige maand schreef. Laurie is de eigenaresse van Reizen met je hond. Hiermee inspireert Laurie andere mensen met honden om op avontuur te gaan. Ook organiseert ze backpackweekenden voor beginnende backpackers-met-hond. Zomer De zomer komt eraan! Fijn voor (de meeste) mensen, maar voor honden is dit seizoen al snel te warm. Zij worden niet blij van wandelen over verdorde grasvelden of behendigheidstraining in de felle zon. Gelukkig zijn er nog steeds genoeg avontuurlijke activiteiten die je kunt ondernemen met je hond, waaronder packraften! Ik (Laurie) ontdekte packraften via het Belgische bedrijf Fagus Outdoor [www.fagusoutdoor.be] en was direct enthousiast. Het leek me een geweldige activiteit om samen met honden te doen en bedacht meteen een plannetje om zoiets te organiseren via mijn bedrijf Reizen met je hond. Inmiddels zijn we een geslaagde proeftocht en vele enthousiaste reacties verder, maar voor wie op dit moment geen idee heeft waar ik het over heb: eerst even wat meer uitleg over packraften. Wat is packraften? Packraften komt oorspronkelijk uit Alaska en is in Nederland en België nog relatief onbekend. Een packraft is een kleine, opblaasbare raft die je in een rugzak mee kunt nemen en kunt opblazen waar je maar wilt, om vervolgens het water op te gaan en een stuk stroomafwaarts te peddelen. Doordat je wandelen en varen op deze manier makkelijk kunt combineren, zijn er ineens eindeloos veel mogelijkheden voor tochten. Denk aan een tochtje door de Biesbosch, of een stuk wandelen langs een rivier om daarna terug te dobberen naar je startpunt.   Praktisch Er bestaan één- en tweepersoons packrafts. Als je met je hond het water op wilt, dan heb je een tweepersoonsraft nodig. Je draagt de packraft op je rug, in een tas waarin je ook je zwemvest, peddels, een drybag en eten en drinken voor die dag kwijt kunt. En wat snacks voor je hond natuurlijk. Het totaalgewicht van de tas ligt dan rond de 8 kilo: goed te doen voor een paar uurtjes wandelen. Als je bent aangekomen op de plek waar je het water in wilt, vouw je de packraft uit op de grond, en blaas je hem op met behulp van een pompzak. Hierdoor is je packraft snel gevuld met lucht, en ben je niet helemaal buiten adem voor je het water op gaat. Je rugzak kun je op de voorkant van de packraft binden, zo heb je er geen last van tijdens het peddelen en blijft hij droog.   Op je eindpunt haal je de packraft uit het water, laat je alle lucht eruit lopen en vouw je alles weer op tot het in je rugzak past. Klaar voor het volgende stukje wandelen, of voor de rit terug naar huis. Packraften met honden Een packraft-tochtje is dus een combinatie van wandelen en varen. Het wandeldeel zullen de meeste honden probleemloos kunnen, maar het varen is voor sommige honden nieuw en spannend. Niet alle honden zullen het leuk vinden en niet alle honden zijn geschikt. Het is lastig op voorhand te zeggen welke honden je hier een plezier mee doet. Sommige honden houden niet van water, maar vinden het prima om over het water te dobberen terwijl ze lekker tegen de benen van hun baasje liggen. Andere honden houden misschien wél van water, maar zijn te onrustig om stil in de boot te zitten (wat het een gespannen tochtje maakt voor zowel de hond als de baas). Of packraften iets is voor jouw hond kun je eigenlijk alleen ontdekken door het een keer te proberen. Huur bijvoorbeeld eens een kano of een sup bij een watersportvereniging, om voordelig te oefenen en trainen met je hond. Hoe ziet een tocht eruit? Bij een standaardtocht wandel je eerst een flink stuk, zo’n 8 tot 10 kilometer, om daarna het water op te gaan en terug te peddelen met de stroom mee. Het wandelen is de inspanning, het varen de ontspanning. Het is heerlijk om langzaam de oevers voorbij te zien schuiven en de natuur eens van een andere kant te bekijken. Te genieten van de stilte op het water. Tot je hond een eend ziet en je alle zeilen moet bijzetten om je hond binnenboord te houden :-) Eenmaal terug bij je startpunt haal je de packraft uit het water, wring je je kleren uit en stap je voldaan en blij weer in de auto naar huis. Speciale aandachtspunten voor packraften met je hond Veel mensen vragen zich af of zo’n packraft wel bestand is tegen hondennagels. Het antwoord is ja. De bodem is van stevig materiaal dat echt niet zomaar lek gaat door een hondennagel. Het is niet noodzakelijk om je hond een zwemvest aan te doen, behalve als je niet zeker weet of hij kan zwemmen, je hond in paniek raakt wanneer deze de boot niet terug in kan klimmen (een zwemvest heeft een handvat waarmee je de hond kunt helpen) of als je op wild water gaat raften (wat ik met honden overigens niet aanraad). Laat je hond rustig wennen aan de packraft en dwing hem niet om de boot in te stappen. Neem voor het instappen ruim de tijd en wacht tot je hond rustig is voordat je de kant loslaat. Zorg dat je een alternatief plan hebt voor als je hond niet in de boot wil, durft, of kan. Bij onze tochten zorgen we ervoor dat er altijd iemand is die met je mee terug kan wandelen als het varen geen succes blijkt. Zou je het een keer willen proberen? Begin juni organiseerde ik samen met Fagus Outdoor een proeftocht Packraften met je hond, om te bekijken of het mogelijk was om deze activiteit met een groep verschillende honden uit te voeren. Het werd een groot succes met blije deelnemers en veel enthousiaste reacties na afloop. We hebben daarom besloten dit vaker te gaan organiseren. In oktober 2021 vindt het eerste echte packraften-met-je-hond-avontuur plaats, opnieuw een samenwerking tussen Reizen met je hond en Fagus Outdoor. Je kunt je hier binnenkort voor inschrijven via de website van Reizen met je hond [www.reizenmetjehond.nl]. Wil je verzekerd zijn van een plek, houd dan social media en de nieuwsbrief goed in de gaten. www.instagram.com/reizenmetjehond www.facebook.com/reizenmetjehond www.reizenmetjehond.nl/nieuwsbrief
Hondenprofessional: coachen met honden

Hondenprofessional: coachen met honden

14-06-2021
Wij vinden gezond leven voor de hond ontzettend belangrijk. Daarom vind je in ons assortiment enkel natuurlijke snacks terug. Maar gezonde voeding is niet het enige, dat van belang is voor een hond. Beweging en mentale uitdaging zijn voor een hond ontzettend belangrijk. Daarom nodigen we iedere maand een aantal gastbloggers uit, die hun favoriete hondensport of -werk beschrijven. Zo hopen we onze lezers te inspireren om nog meer te ondernemen met hun hond(en). Zie je een bepaalde sport graag terug op onze blog, of heb je vragen over het onderwerp van deze week, laat dan even een reactie achter onderaan deze pagina. Deze week spraken we Daphne over coachen met honden: Mijn naam is Daphne Voorheijen, 26 jaar oud en ik ben kindercoach met de hond binnen mijn eigen coach praktijk; Sunny Coaching. Dieren hebben mij altijd geïnteresseerd, vooral de paarden en honden hebben altijd met stip op nummer 1 gestaan. Van kleins af aan wilde ik al graag met dieren werken. Toen ik 16 was en stage liep op een internationale springstal voor mijn opleiding tot dierenarts assistente werd mijn interesse gewekt in de combinatie tussen mens en dier. Zelf vond ik altijd al rust bij paarden en honden maar om te zien wat de kracht van viervoeters is op anderen en om dat met mijn eigen ogen te mogen bewonderen heeft iets in mij aangewakkerd. Op de springstal werkte een jongen met autisme. Hij was altijd vriendelijk, vrolijk en had een voorkeur voor het uitmesten van de stallen. Ik begreep nooit zo goed waarom, want het uitmesten van de stallen was destijds mijn minst favoriete klusje. Tot ik op een dag zag waarom hij het zo fijn vond. Deze jongen nam uitgebreid de tijd om de stallen uit te mesten, de paarden toe te spreken, te knuffelen en complimenteren. Zelfs de meest hete merrie liet zich uitgebreid vertroetelen. Dit was zo mooi om te zien, hier wilde ik iets mee! Sunny Na diverse opleidingen te hebben gevolgd en opgegroeid te zijn met honden, was het nu ik op mijzelf ging wonen dé tijd voor een eigen hondje. Ik heb veel tijd gestoken in het onderzoeken welke hondenrassen het meest passend zijn voor het werken met mensen. Diverse rassen komen dan natuurlijk voorbij: de knappe labrador, een fijne golden retriever, de gevoelige poedel. Tot ik de Australian labradoodle vond (een F4 labradoodle). Mijn meest fijne en onwijs knappe collega mag nu geïntroduceerd worden: Sunny! Sunny is mijn bijna 2 jaar oude Australian Labradoodle en zij is precies wat ik zocht in een psychosociale coach hond. Sunny is lief, zacht, gevoelig, eigenwijs, knap en vraagt van haar begeleider een bepaalde rust. Ben jij niet rustig, dan is Sunny dat ook niet. Sunny is vanaf pups af aan getraind en gesocialiseerd op haar toekomst als psychosociale hulphond. De gebruikelijke puppycursus en gehoorzaamheidscursussen hebben we uiteraard ook gevolgd. Daarnaast zijn we vanaf het moment Sunny 1 jaar was cursussen en opleidingen gaan volgen zodat zowel Sunny als ik op het juiste niveau waren om mensen te gaan coachen. Toen Sunny 1,5 jaar oud was hebben we de certificering gekregen. Sunny is dus sinds maart 2021 een officieel psychosociale hulphond. Doordat Sunny een zacht en soms wat voorzichtig karakter heeft, en ik vanuit mijn andere baan ervaring heb met kinderen met autisme, heb ik besloten om vooral met die doelgroep te werken. Deze kinderen zijn gevoelig, leergierig en kunnen zich gaande weg open stellen voor de veiligheid die Sunny met haar aanwezigheid brengt. Waarom coachen met honden? De meerwaarde van coaching met honden is dat het een open en ervaringsgerichte manier van coaching is. Honden nodigen je letterlijk uit om in beweging te komen. Coaching met honden is niet alleen praten, maar ook doen en ervaren. Hierdoor krijg je inzicht in jouw denkpatronen en handelen. Zoals eerder beschreven vraagt Sunny een bepaalde rust van de persoon die gecoacht wordt. Voelt Sunny een bepaalde onrust dan zal zij zich ook wat onrustig gedragen. Door dit terug te geven aan de persoon die coaching volgt ontstaat er een gesprek wat inzichten en bewustwording kan geven. Sunny is gecertificeerd, wat betekend dat zij is getest op betrouwbaarheid en veiligheid. Toch kan het ook zo zijn dat mensen liever met hun eigen hond coachen. Zo kunnen zij leren om een betere band te krijgen met hun hond, de signalen van hun hond beter waar te nemen, of kiezen ze hiervoor omdat hun eigen hond een bijzonder plekje in het hart heeft. Sunny Coaching is opgericht met de visie dat dieren een positieve invloed hebben op het welzijn van mensen. Door samen te werken met een hond tijdens jouw ontwikkelingsproces kom je nét dat stapje verder.  Want, stel je vindt het aangeven van grenzen lastig, of je zou graag wat vaker ‘nee’ willen zeggen? Hoe mooi is het dan dat je dit door middel van diverse oefeningen mag uitproberen. Niets is zo veilig en vertrouwd dan het coachen met honden. Respect voor jezelf en een ander begint bij het begrijpen van je gevoelens en emoties. Het is een onwijs pure vorm van coaching bieden.  Waar kan honden coaching voor worden ingezet: Door de groei van dit mooie werkveld zijn er al diverse ontwikkelingen gaande waarin honden kunnen worden ingezet. We beschrijven hier vier onderdelen waarvoor honden kunnen worden ingezet binnen het coachen: - Zo worden honden ingezet bij sociale vaardigheidstrainingen waarin jongeren leren hun sociale vaardigheden te verstevigen of uitbreiden door in contact te zijn met de hond. Wil je hier meer informatie over? Kijk dan eens op www.cohond.nl. Daarnaast is Cohond ook een initiatiefnemer rondom het sporten met honden. Super leuk, want tijdens een rondje hardlopen kun je onwijs veel oefeningen met je hond doen! - Als tweede onderdeel kunnen honden worden ingezet bij weerbaarheidstrajecten. Zoals eerder beschreven kunnen kinderen dan oefenen met het aangeven van hun grenzen. Deze weerbaarheidstrajecten zijn gebaseerd op de Rots & Water trainingen en een stukje Haptonomie. Deze cursus is onder andere te volgen bij Pets4care. - Het derde onderdeel dat we uitlichten is het inzetten van honden als voorlees hond. De methodiek R.E.A.D. is hierin de voorloper. R.E.A.D. staat voor Reading Education Assistance Dogs. Het is een leesvaardigheidsprogramma gericht op het verbeteren van de leesvaardigheid en communicatieve vaardigheden van kinderen. Het is een krachtige methodiek omdat kinderen een boek voorlezen aan de hond en zo op een opspannen manier en spelenderwijs oefenen met lezen. Mocht je hier meer over willen weten dan kun je eens een kijkje nemen op www.readnederland.nl - Het vierde en tevens laatste onderdeel dat we hier beschrijven is het inzetten van de hond bij ‘angst voor honden’ trajecten. Er zijn kinderen en jongeren die de omgang met honden onwijs spannend vinden. De trajecten helpen deze kinderen en jongeren bij het omgaan met hun spanning maar ook door het leren lezen van signalen die de honden laten zien. In de meeste trajecten is de groei van de persoon die coaching volgt goed te zien. Waar in de eerste sessie de hond niet mee kan naar de afspraak, is in de laatste sessie het soms mogelijk om samen met de hond een parcours af te leggen. Ook op deze manier kunnen honden een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van kinderen. Veiligheid voor de (coach) hond Het coachen met honden is natuurlijk super leuk en een grote meerwaarde. Het is onwijs fijn dat steeds meer mensen dat ervaren, inzien en zelf ook willen vertolken. Helaas komen er soms wel eens berichten in de media voorbij waarin het welzijn van de honden wordt aangetast. Honden die veel te jong zijn en al lange dagen moeten werken of coaches die kinderen de signalen van honden niet leren te herkennen. Het zal uiteraard niet met opzet zijn maar het is wel prettig als we hier met elkaar op blijven letten en elkaar durven aanspreken op het welzijn aantastend gedrag van mensen voor de honden. Samen weten we meer dan alleen. Zoals jullie nu weten is Sunny een jonge hond die bijna 2 oud is. Sunny werkt maximaal 2 uurtjes per week met kinderen die bij ons het weerbaarheidstraject volgen. Mocht Sunny ingezet worden als voorleeshond, dan lezen we maximaal 1 uurtje. Sunny zal in de toekomst als ze wat ouders is wel wat meer kunnen werken, maar dit doen we alleen als ze het ook echt leuk blijft vinden. Je vraagt je misschien af hoe ik kan zien dat Sunny haar werk leuk vind. Ik zal je de situatie beschrijven: Ik pak de tas met coach spullen en loop naar de schuur om daar de attributen voor het parcours te pakken. Als ik terug de schuur uit kom, zie ik een blije Sunny al huppelend mij tegemoet komen. Op het moment dat ik Sunny haar werktenue aan doe gaat ze netjes zitten. Als ze haar werktenue aan heeft is ze blij en gaat al kwispelend bij de voordeur staan. Sunny is er helemaal klaar voor! Er zijn diverse manieren om de veiligheid en het welzijn van je hond gedurende de coach sessies te waarborgen. Volg zelf cursussen bij de juiste instanties, leer hondengedrag te (h)erkennen, leer de mensen die je coacht hondengedrag te herkennen en te handelen naar alternatieven. Sta open voor het gesprek met professionals die dit werk langer doen en mee willen denken in het welzijn van je hond. Werk niet te lang achter elkaar of te veel uren per week. Laat je hond en jezelf certificeren zodat jullie als team gecertificeerd zijn op veiligheid en betrouwbaarheid. Sunny Coaching Coachen met honden is naar mijn mening het mooiste vak dat er bestaat! Het is een onwijs inhoudelijke, mooie en pure manier van coaching en vraagt de nodige kennis. Ben jij door deze blog geïnspireerd geraakt om te gaan coachen met honden? Super leuk! Voel je vrij om contact op te nemen en je vragen te stellen! Groetjes, Daphne & Sunny info@sunnycoaching.nl www.sunnycoaching.nl
Hondensport: mantrailen

Hondensport: mantrailen

02-06-2021
Wij vinden gezond leven voor de hond ontzettend belangrijk. Daarom vind je in ons assortiment enkel natuurlijke snacks terug. Maar gezonde voeding is niet het enige, dat van belang is voor een hond. Beweging en mentale uitdaging zijn voor een hond ontzettend belangrijk. Daarom nodigen we iedere maand een aantal gastbloggers uit, die hun favoriete hondensport of -werk beschrijven. Zo hopen we onze lezers te inspireren om nog meer te ondernemen met hun hond(en). Zie je een bepaalde sport graag terug op onze blog, of heb je vragen over het onderwerp van deze week, laat dan even een reactie achter onderaan deze pagina. Deze week spraken we Anke over mantrailen: Mijn naam is Anke Coenen, ik ben 24 jaar oud en ik studeer deze maand af als paraveterinair. Ik ben dit jaar één van de Bellobox ambassadeurs, dus wellicht heb je mijn honden al eens op social media voorbij zien komen. Mijn grote passie ligt bij mijn honden, met name de Staffordshire Bull Terriërs. Met Vaös en Berp sport ik fanatiek. Ik vind het fantastisch mijn hond zo in zijn of haar element te zien, de hond laten doen waarvoor deze gefokt is. Een van de sporten die ik met ze beoefen is te vergelijken met een atletiek 10 kamp, waarin verscheidene onderdelen worden uitgevoerd. Ook met mijn Leonberger ben ik graag actief bezig. Met name lange wandelingen is iets waar we beide enorm van genieten. De sporten die ik met mijn staffords doe zijn met name dingen die ontzettend inspannend zijn. Als afwisseling daarop was ik op zoek naar iets waar ze meer rust moeten bewaren en hun hoofd bij moeten gebruiken. Na wat zoekwerk op internet ben ik destijds uitgekomen bij mantrailen: met je hond speuren naar (vermiste) mensen. Hetgeen dat mij hierin enorm aanspreekt is dat je gebruik maakt van de natuurlijke aanleg van de hond, namelijk zijn/haar neus. Speuren kun je dus eigenlijk met iedere hond doen. Uiteraard heeft de ene hond meer motivatie om te werken dan een ander, maar in principe is elke hond geschikt. Daarnaast werk je echt samen met je hond en dit heeft een enorm positief effect op de band tussen hond en eigenaar. Speuren geeft ook een boost aan het zelfvertrouwen van een hond. Dus juist met een onzekere hond is het zeker de moeite waard om eens te kijken of mantrailen iets voor jullie is. Aanleren van het speuren Het speuren word stap voor stap aangeleerd. Met Vaös heb ik een intake gehad waar gekeken werd of hij wilde zoeken. Die interesse had hij wel, dus hebben we direct vervolglessen ingepland. Per les kunnen maximaal 5 hond-eigenaar teams deelnemen. Gezien iedere hond netjes in een auto(bench) moet verblijven en er maar één hond per keer werkt, is deze sport ook geschikt voor intolerante of reactieve honden. Iedere eigenaar loopt éénmaal een spoor voor een andere hond, werkt één keer met zijn/haar eigen hond en blijft één keer bij de startlocatie. De andere twee maal kan men meelopen met andere combinaties, omdat men daar ook ontzettend veel van leert. Iedere hond reageert tijdens het speuren anders en laat andere signalen zien. De eerste lessen zijn vooral gericht op het leggen van de link tussen het vinden van de persoon en de beloning. De spoorloper zal in het zicht van de hond weglopen, enkel een hoekje om gaan en zal daar wachten. De hond is enthousiast gemaakt door de spoorloper, welke hoge geluidjes maakt en met snelheid wegloopt, en zal daarom graag willen starten. Je geeft het commando ‘zoek’ en start pas met lopen als de hond zelf vertrekt. Dit is erg belangrijk omdat de honden ons enorm goed kunnen lezen en wij ze anders onbewust vertellen wat ze moeten doen. Als de hond de spoorloper vindt, wordt dit uitgebreid beloond, met een beloning die voor de individuele hond het meest motiverend is. Ook spoorloper reageert ten alle tijden enthousiast als de hond hem/haar vindt. Zodra die link enigszins gelegd is komt er een geurvoorwerp in beeld, een item dat ruikt naar de persoon die gezocht moet worden, de spoorloper. Dit gebeurt meestal na les 2 of 3. De spoorloper loopt nog steeds in zicht weg maar voordat je het zoek commando geeft, geef je het commando ‘ruik'. Het is de bedoeling dat de hond dan op den duur aan het voorwerp ruikt en leert dat hij die specifieke geur moet gaan volgen. Doordat de lessen niet uit vaste groepen bestaan zoekt je hond eigenlijk altijd een nieuw persoon. Berp is enorm gericht op aandacht van mensen. Ik wil persoonlijk dat mijn honden leren dat ze andere mensen in hun omgeving moeten negeren, dat ze op mij moeten focussen. Tijdens wandelingen mag ze dan ook niet door anderen aangehaald worden. Hierdoor denk je misschien: maar nu leer je tijdens het mantrailen haar juist dat ze iets met mensen moet?! Dat klopt, maar ze leert dat ze enkel in een bepaalde vaste situatie iets moet met mensen. Ze kan juist daardoor mensen nu eigenlijk veel makkelijker negeren, omdat ze weet in welke situatie ze wel iets met een persoon moet en in welke situatie niet. Juist voor deze hond die ontzettende moeite had met het negeren van passanten heeft hierbij veel baat gehad. Ik merkte het effect al na een les of twee. Alles wat gedaan wordt voordat je de hond het commando ‘zoek’ geeft, wordt onderdeel van het vaste ritueel. Als je dit consequent doet, wordt het leggen van de link voor de hond makkelijker. Vanuit de auto starten Zodra de link gelegd is, zal de hond als deze daar klaar voor lijkt te zijn vanuit de auto gaan starten. Dat wil zeggen dat de hond de persoon die hij/zij moet gaan zoeken nog niet gezien of geroken heeft. Het ritueel dat inmiddels is opgebouwd zou er voor moeten zorgen dat de hond vrij snel begrijpt wat de bedoeling is. Bij de ene hond is dit een kleine drempel, voor de andere hond kan dit een hele grote stap zijn. Het eerste spoor vanuit de auto wordt daarom bewust simpel gehouden. Dit verzekert dat de hond niet allerlei moeilijke dingen zal moeten oplossen. Het gaat er in eerste instantie om dat de hond succes heeft. Als dit goed gaat wordt het spoor uitgebreid en wordt de opdracht voor de hond steeds moeilijker. Uiteindelijk zullen sporen ongeveer 1 km lang kunnen zijn. Daarnaast kan de moeilijkheidsgraad omhoog gaan door de hoeveelheid beslissingen die de hond nemen moet, een overgang maken van verhard (asfalt) naar bos gebied, een ouder spoor, of bijvoorbeeld vervuiling op de trail. Bij het mantrailen dat wij beoefenen hoeft een hond niet per se precies op de trail te lopen, maar gaat het om het vinden van een persoon. Bij een tracking hond is het juist wél het doel, dat de hond precies op de trail loopt. Levels. Wij speuren recreatief, maar kunnen wel samen met onze hond levels halen. Zodra jouw hond klaar lijkt te zijn voor het behalen van een nieuw level is er een toetsmoment. Als handler weet jij niet wanneer dit moment is en je hoort dan ook achteraf onverwacht dat je hond een level gehaald heeft. Het fijne hiervan is dat jijzelf niet nerveus kunt worden omdat je weet dat het een toetsmoment is, waardoor het de prestatie niet kan beïnvloeden. Er zijn 5 disciplines: urban, rural, water, building, area. Per discipline zijn er 3-5 toetsmomenten en krijg je bij het behalen van een level een bedeltje. Je kunt dus toewerken naar het compleet maken van een bedelset. Afwisseling in het speuren Mantrailen is nooit hetzelfde, elke trail, iedere locatie.. het is telkens keer weer een uitdaging. We trailen in het bos, in stedelijk gebied, in de zomer gaan we het water in en daarnaast doen we ook building- en area searches. Iedere locatie heeft zijn uitdagingen en aandachtspunten. Bij building- en area searches lopen de honden bijvoorbeeld los, dit vindt om veiligheidsredenen dan ook altijd plaats op eigen omheind terrein. Doordat de hond losloopt gaat het mantrailen ineens heel anders te werk. Bij een building search doet de geur van de persoon heel iets anders dan in het bos, dus ook voor de handler valt er enorm veel te leren over wat geur doet. Hoe heeft het weer bijvoorbeeld invloed op de geur? Wat doet de geur tussen hoge gebouwen? Dit zijn allemaal dingen die je in de loop van de tijd gaat leren, je wordt enorm bewust van je omgeving. Doordat je steeds meer kennis hebt, kun je ook steeds ingewikkelder sporen oplossen samen met je hond. Materiaal & beloning Voor het speuren heb je een goed passend tuig nodig. De voorkeur gaat uit naar een y-tuig vanwege de vrije schouderbeweging die gewenst is. Zeker omdat de honden flink trekken tijdens het speuren is het belangrijk dat het tuig de beweging niet belemmert en ook niet op zenuwen drukt. De honden lopen aan een lange lijn van zo’n 7meter. Ik heb gekozen voor een ronde lijn van biotaan omdat ik kleine handen heb. Daarnaast neemt dit materiaal geen water op en wordt de lijn niet zwaar wanneer deze nat wordt in regenachtig weer of op vochtige grond. Ze zijn onderhoudsvriendelijk en gemakkelijk schoon te maken. De beloning is het meest belangrijke, uiteindelijk is dat waar het voor de hond om draait. Het moet dus echt een jackpot zijn. De hond moet er gedurende lange tijd ontzettend hard voor willen werken. Ga dus opzoek naar iets waar je hond dol op is. Werk je met een voerbeloning? Kies dan iets dat de hond normaal gezien niet krijgt en zorg dat het genoeg is. Voor een kruimeltje gaat een hond namelijk op den duur niet meer werken. Met Vaös ben ik begonnen met een voerbeloning, maar hij kreeg uiteindelijk een gigantische dip. Hij wilde eigenlijk totaal niet meer werken. Ik ben toen overgestapt naar de bijtrol als beloning en dat is een super keuze geweest. De motivatie voor het krijgen van de bijtrol is enorm hoog waardoor hij blijft werken, ook als het een heel moeilijk spoor is. Berp krijgt momenteel nog een voerbeloning omdat zij nog geen speelgoed heeft dat heilig voor haar is. Daarnaast is de aandacht die zij van de spoorloper krijgt ook al een beloning op zich. Trails die mij bijgebleven zijn Intussen train ik het mantrailen al zo’n 2 jaar, maar er zijn me toch verscheidene trails bijgebleven. Zo weet ik nog heel goed dat Vaös tijdens een van zijn eerste lessen vol het water indook. Wij snapten niet helemaal waarom hij dat deed maar achteraf was zijn reactie zeer logisch. De spoorloper was per ongeluk verkeerd gelopen en was het water gepasseerd. Water trekt geur aan, dus alle geur van de spoorloper lag op het water. Vaös twijfelde geen moment en dook zo het meer in. De building search waar hij precies alle deuren aanwees waar mensen zaten is ook een speurles die ik niet snel vergeten zal. Ook de aller eerste area search was bijzonder. Ik klikte Vaös los en hij vertrok. Binnen no-time stond hij aan de andere kant van veld me zeer duidelijk te maken dat hij de persoon al gevonden had. Ik vond het heel mooi om te zien dat hij iets nieuws zo makkelijk oppakte. We deden ooit een area search waarbij Vaös meerdere mensen moest zoeken. Dit is voor sommige honden een moeilijke opgave, omdat ze normaal na het vinden van één persoon klaar zijn. Vaös pakte dit echter direct fantastisch op. Na de beloning werkte hij direct door om de volgende persoon te vinden. Met Berp heb ik pas 8 lessen gehad, dus ik heb minder trails die me echt bijgebleven zijn. Ze is immers nog maar 8.5 maanden jong. Maar werkwillige karakter van deze hond is echt bizar. De rust die zij heeft tijdens het uitwerken van trails, kan Vaös echt nog wat van leren. Ze geeft perfecte negatives, dat wil zeggen dat ze duidelijk laat zien wanneer ze een plek bereikt heeft waar geen geur meer ligt. Ook dat is iets wat Vaös niet altijd vlekkeloos doet. Zo hadden we vorige week les op een industrieterrein, is dit een vrij moeilijke omgeving om in te speuren. De eerste beslissing die ze maakte was juist en we liepen een open vlakte op met aan de randen wat begroeiing. Ze trok direct naar links, naar de begroeiing, wat logisch is want dit is waar geur zal gaan hangen. Echter bleef ze hier negatives geven, ze liet me duidelijk zien dat er geen nieuwe geur meer te vinden was. Ik moet dan als handler nadenken waarom mijn hond dit doet. We hadden tegenwind van rechts, waardoor de geur van de spoorloper waarschijnlijk onze kant op is gewaaid en bij de begroeiing is blijven hangen. Op dat moment kies je er dus voor om recht tegen de wind in te gaan lopen om te kijken of de hond het spoor dan ergens oppikt. Het was zeer duidelijk te zien dat Berp de geur weer oppikte en dus op het spoor zat. Dit zijn leuke trails omdat je het kunnen van de hond combineert met je eigen kennis. De laatste speurles die ik met Berp heb gehad voordat deze blog online komt was wederom een heel interessante les. We focusten namelijk op het waarnemen wat ieders hond doet. De trails waren niet moeilijk en het ging puur om het beter leren lezen van de hond. Berp was eigenlijk als tweede aan de beurt maar de eerste hond wilde niet het hoge gras door. Toen werd besloten dat Berp deze trail mocht gaan oplossen. Ze startte heel netjes en het is in zo’n geval zó mooi om te zien wat je hond doet. Berp loopt veel op de trail maar zigzagt af en toe links en rechts erlangs om extra te checken. Zodra ze terugkomt op de precieze trail duikt ze er als het ware op, met een snelle kopbeweging en hoog tempo. Ze maakte de beslissingen juist en liep het grootste gedeelte precies op het spoor dat de spoorloper gelopen had. Toen ze dichtbij de spoorloper was die in de struiken verscholen zat, zag je een duidelijke gedragsverandering. Wij noemen dat proximity, ze werd opgewonden en werd in haar gedrag wat drukker. Toch liep ze nog even een stukje rechtdoor waar ze een goede negative gaf, ze gaf duidelijk aan dat het spoor daar verderop niet meer te vinden was. Ze koos toen zelf om terug te keren en vond de spoorloper in de struiken. De komende weken hebben wij nog een aantal lessen op het programma staan en blijven we dus lekker bezig. Wil jij ook aan de slag met je hond, ga dan op zoek naar een hondenschool die mantrailen aanbiedt. Wellicht hebben jij en je hond er binnenkort een nieuwe hobby bij! Volg anke en haar honden op instagram
De zin en onzin over vaccineren en titeren

De zin en onzin over vaccineren en titeren

26-05-2021
Titertest bij 6 weken oude pups Na wonden, vergiftigingen, parasieten, onderkoeling en maagtorsies doen we in deze blog eens iets anders. Geen EHBO, maar wel iets anders dat van levensbelang is voor je hond. Vaccinaties, we weten allemaal dat ze bestaan en we laten ze regelmatig herhalen, maar is dat wel altijd nodig? Daar komt titeren om de hoek kijken, een techniek die nog niet zo heel erg lang wordt toegepast in de ‘gewone’ dierenkliniek, maar wel razendsnel aan het groeien is. Maar wat is het nou precies en waarom ga je over op titeren of blijf je vaccineren? Achtergrondinformatie Een vaccinatie is eigenlijk niets anders dan het inspuiten van een klein beetje van de ziekteverwekker, zoals bijvoorbeeld een virus of een bacterie met als gevolg een reactie van het immuunsysteem. Vaccins worden zo gemaakt dat de ziekteverwekker dood of ernstig verzwakt is, zodat ze niet gevaarlijk zijn voor je hond. Wat deze dode of verzwakte ziekteverwekkers in het vaccin wél doen, is het immuunsysteem activeren, zodat je hond weerstand opbouwt tegen de ziekteverwekker. Het opbouwen van weerstand, of immuniteit, gebeurt op twee manieren. Allereerst gaat het lichaam antistoffen aanmaken, die de ziekteverwekker direct aanvallen om zo verspreiding door het lichaam te voorkomen. Dat noemen we humorale immuniteit. Daarnaast bouwt het lichaam ook cellulaire immuniteit op, dat betekent dat er een soort ‘herinneringscellen’ worden aangemaakt die door middel van een herkenningsmechanisme de ziekteverwekker kunnen aanvallen als deze opnieuw binnenkomt. De cellulaire immuniteit kunnen we niet meten. De humorale afweer daarentegen, of in ieder geval de concentratie afweerstoffen in het bloed, kunnen we meten. Vroeger kon dit alleen via een bloedtest in gespecialiseerde laboratoria, maar inmiddels kan dat ook via een sneltest in de dierenartsenpraktijken. Hiermee kunnen we kijken of de hond goed beschermd is door de toegediende vaccinaties of dat er misschien een vaccinatieschema op maat nodig is. Vaccineren Er zijn verschillende vaccinaties voor honden op de markt, maar de kernziekten zitten allemaal in de ‘grote cocktail’. De grote cocktail bevat hondenziekte (ook wel Distemper of ziekte van Carré), besmettelijke leverziekte (hepatitis contagiosum canis, HCC) en parvovirus. Daarnaast zijn er nog een paar andere vaccinaties die vaak worden toegepast, zoals de kleine cocktail. De kleine cocktail is de ziekte van Weil (leptospirose), vaak gecombineerd met kennelhoest (para-influenza of Bordetella). Kennelhoest wordt vaak verplicht gesteld in situaties waar veel verschillende honden bij elkaar komen, zoals shows, wedstrijden of pensions. In het buitenland zijn mogelijk andere vaccinaties verplicht, zoals rabiës (hondsdolheid). De werkingsduur van de vaccinaties is verschillend, maar de meest gebruikte vaccinatie tegen de kernziekten in Nederland heeft een beschermingsduur van ongeveer 3 jaar. De beschermingsduur van een vaccin is onder andere afhankelijk van de soort ziekteverwekker en de mate waarin ze ziekteverwekker is verzwakt. Vaccins tegen bacteriën (bijvoorbeeld de ziekte van Weil) hebben vaak een minder lange werkingsduur dan vaccins tegen virussen (bijvoorbeeld parvo) en vaccins met een levend verzwakte ziekteverwekker beschermen beter dan vaccins met een dode ziekteverwekker. Dit betekent dat een aantal vaccinaties (jaarlijks) herhaald zal moet worden om voldoende bescherming te kunnen bieden. Titeren Hunter wacht op zijn titeruitslag Overschakelen op titeren in plaats van jaarlijks vaccineren kan om verschillende redenen. Bijvoorbeeld omdat je hond niet goed reageert op vaccinaties, al wat ouder is of last heeft van allergieën of huidproblemen. Met titeren bepalen we wat de antilichaamconcentratie, ook wel titer, is in het bloed van de hond. Met behulp van deze uitslag kunnen we bekijken of de hond nog voldoende beschermd is tegen de kernziekten in de vaccinatie. Dit kan per component verschillen, het hoeft niet zo te zijn dat met een vaccinatie de hond evenveel beschermd is tegen alle drie de virussen die in het vaccin zitten. Voor een aantal soorten vaccinaties, zoals vaccins met een bacteriële component, is het niet mogelijk om de titers te checken, een daarvan is het vaccin tegen de ziekte van Weil. Na het vaccineren met de grote cocktail is het pas na 3 jaar nodig om opnieuw een titerbepaling uit te voeren. Zijn de titers op dat moment hoog genoeg? Dan kun je daarna afhankelijk van de hoogte van de uitslag 1 of 3 jaar later een volgende bepaling laten doen om te zien hoe de status van de antilichamen is. Pas wanneer de uitslag van de titerbepaling negatief is hoeft de hond opnieuw geënt te worden. Zijn de titers (van een van de componenten) 3 jaar na de enting al op een laag niveau? Dan kun je de hond direct (bij) laten enten. De uitslagen van het titeren worden op steeds meer plaatsen in Nederland, zoals pensions en shows, geaccepteerd als volledig vaccinatiebewijs. Vaccicheck en nieuwe paspoortjes voor een nestje pups Moment van eerste enting bepalen Voor een test is maar een klein beetje bloed nodig en een volledige titerbepaling kan dus zelfs al gemakkelijk gedaan worden bij pups. In dat geval wordt er gekeken of de maternale immuniteit, die de pups krijgen via de biest nog bescherming geeft op het moment van vaccinatie. Wanneer de eerste enting gedaan wordt op het moment dat de pup nog beschermd is en er dus al een lage antilichaamconcentratie in het bloed zit, is de kans groot dat de gewenste reactie van het immuunsysteem niet plaatsvindt. Dit betekent dat, wanneer de maternale immuniteit uitgewerkt is, de pup dus niet beschermd is tot deze een jaar later opnieuw wordt geënt. Onze voedingsdeskundige Marijke heeft ook haar nest Staffordshire Bull Terriers op leeftijd van 6 weken laten titeren. De pup die bij haar thuis is blijven wonen was pas op een leeftijd van 10 weken klaar om gevaccineerd te worden, terwijl hij op deze leeftijd normaliter al de tweede enting achter de rug zou hebben. Sommige fokkers beginnen het entschema op een leeftijd van 6 weken en zullen het nest op deze leeftijd laten enten of laten titeren. De nieuwe eigenaar vervolgt dan het entschema, of laat de pup een aantal weken laten opnieuw titeren. Andere fokkers laten de eigenaar op een leeftijd van 9 weken beginnen met enten danwel titeren. Het is als nieuwe eigenaar dus van belang om goed overleg te plegen met de fokker en de dierenarts, om een plan van aanpak te bedenken. Enten is ontzettend belangrijk om de populatie honden in ons land te beschermen, maar het bepalen van het moment van enten ligt ten grondslag aan de correcte uitvoering. Is je pup wel volgens het standaard schema gevaccineerd, dan kun je in de toekomst alsnog besluiten gebruik te maken van titerbepalingen. Niet iedere praktijk heeft mogelijkheden of voldoende kennis, dus je kunt kijken op https://www.vaccicheck.nl om een dierenarts in jouw regio te vinden.
Hondensport: Backpacken met je hond

Hondensport: Backpacken met je hond

21-05-2021
Wij vinden gezond leven voor de hond ontzettend belangrijk. Daarom vind je in ons assortiment enkel natuurlijke snacks terug. Maar gezonde voeding is niet het enige, dat van belang is voor een hond. Beweging en mentale uitdaging zijn voor een hond ontzettend belangrijk. Daarom nodigen we iedere maand een aantal gastbloggers uit, die hun favoriete hondensport of -werk beschrijven. Zo hopen we onze lezers te inspireren om nog meer te ondernemen met hun hond(en). Zie je een bepaalde sport graag terug op onze blog, of heb je vragen over het onderwerp van deze week, laat dan even een reactie achter onderaan deze pagina. In deze tweede blogpost over sporten met je hond, is Laurie Kranendonk aan het woord. Je kent haar misschien van Reizen met je hond. Met haar hond Tinus heeft ze al vele backpacktochten gemaakt en andere avonturen beleefd. Met haar bedrijf Reizen met je hond inspireert Laurie andere mensen met honden om op avontuur te gaan. Ook organiseert ze backpackweekenden voor beginnende backpackers-met-hond. https://www.reizenmetjehond.nl Vandaag vertelt Laurie hoe jij de keuze kunt maken of jouw hond geschikt is om mee te gaan op backpacktocht. Leeftijd, conditie en mentale gesteldheid zijn allemaal van invloed op deze keuze, maar dat is zeker niet alles. Lees vooral verder, als je deze zomer eens fanatiek op avontuur wilt met je beste maatje.   Backpacken: iets voor jou en je hond? Steeds meer mensen maken meerdaagse wandeltochten met hun hond. Sommigen wagen zich zelfs aan een Lange-Afstand-Wandelpad (LAW), waarbij ze honderden kilometers wandelend afleggen, op aaneengesloten dagen of verdeeld over meerdere weekenden of weekjes vrij. Tussen deze wandeldagen door kun je overnachten in een B&B, een hotel, een trekkershut, of, als je een echte back-to-basic-beleving wilt hebben, in een tentje dat je zelf in je backpack hebt meegenomen. Het is heerlijk om dagen achter elkaar door de natuur te struinen met je hond en nieuwe omgevingen te ontdekken, maar een backpacktocht met je hond vraagt wel wat voorbereiding. Zo moet je bijvoorbeeld een geschikte route zien te vinden, de juiste spullen aanschaffen, je hond en jezelf laten wennen aan ander eten en jullie zullen natuurlijk moeten trainen voor de dagelijkse afstanden die je wilt gaan afleggen. Voordat je enthousiast begint aan de voorbereiding is het handig om te weten of je jouw hond wel zo’n plezier doet met een meerdaagse wandeltocht. Niet alle honden zijn namelijk geschikt om mee te gaan op een trektocht. Zowel fysiek als mentaal zijn er kenmerken die een hond meer of juist minder geschikt maakt om mee te gaan backpacken. Over die kenmerken lees je in dit artikel, zodat je zelf kunt bepalen of jouw hond geschikt is om mee te gaan op een backpacktocht.   c Eens in de zoveel tijd staat er een bericht in de krant over een man van 85 die succesvol een marathon heeft gelopen. Dat kán natuurlijk. Leeftijd zegt niet alles. Maar het feit dat het in de krant komt zegt wel iets. Het is uitzonderlijk. Zo is het ook met honden. Er zijn vast honden van 13 jaar die zonder problemen een bergtocht kunnen uitwandelen. Maar dat is dan wel bijzonder. Een hond gaat ongeveer tussen de 6 en 9 jaar over van jong naar oud. Grote honden zijn eerder oud dan kleine honden. Is je hond ouder dan 9 jaar? Dan speelt leeftijd sowieso een rol en raad ik je aan om goed te letten op ouderdomsverschijnselen. Hij kan misschien niet alles meer, loopt langzamer en hij houdt activiteiten minder lang vol. Backpacken kan misschien nog wel, maar loop niet teveel dagen achter elkaar, wandel minder lange etappes en plan meer rustmomenten op een dag. Kortom, houd rekening met je bejaarde wandelmaatje. Is je hond juist nog heel jong en nog niet volgroeid? Dan kun je nog niet lang achter elkaar wandelen. Doe je dat wel, dan kan dat blijvende schade veroorzaken. Dat wil je niet. Vanaf 1 jaar kunnen de meeste honden wat meer worden belast. Let er wel weer op dat grote honden later zijn uitgegroeid dan kleine hondjes. Bouw de training langzaam op en ga pas op een echte tocht als je zeker weet dat je hond het aankan. Intussen kun je zelf natuurlijk alvast aan de gang met het plannen van de tocht en het uitzoeken van spullen, zodat jullie er straks allebei helemaal klaar voor zijn.   Gewicht Is je hond te zwaar? Dan is backpacken (nog) geen goed idee. Je geeft je hond niet een optimale ervaring als je hem extra kilo’s laat meezeulen op een trektocht. Daarbij kan het ook gevaarlijk zijn: door het extra gewicht moet zijn hart veel harder werken en kunnen gewrichten sneller slijten. Dat kan tot chronische aandoeningen leiden. Heeft je hond overgewicht? Werk er dan eerst aan om hem op een goed gewicht te krijgen. Vraag je dierenarts om hulp als je niet weet hoe je dat aanpakt.  Formaat Je kunt met elk formaat hond op pad, maar het formaat heeft wel invloed op je tocht. Hoe groter je hond is, hoe groter en zwaarder de spullen zijn die je voor hem mee moet nemen. Een teckel past er altijd nog wel bij in je tentje, maar ga je met een Newfoundlander op pad, dan moet je tent een maatje groter zijn. Een grote hond heeft ook een grote regenjas, en een groot kleed om op te liggen. En hij eet grote porties voer: nog meer gewicht in jouw backpack. Als je het allemaal kunt tillen is een grote hond geen probleem, maar het kán dus dat je hond daardoor minder geschikt is om met je mee te gaan backpacken.   Vacht De vacht van je hond kan invloed hebben op je bestemming en op het seizoen waarin je gaat backpacken. Kort- en gladharige honden kunnen bijvoorbeeld over het algemeen iets minder goed tegen zowel warmte als kou. Wandel met deze honden dus in niet al te extreme omstandigheden. Heeft je hond een ondervacht? Dan kan hij zichzelf vaak goed afkoelen én warmhouden. Erg handig op een trektocht met wisselende temperaturen. Let wel op: niet alle honden met een ondervacht kunnen alle temperaturen aan. Een Husky en een Alaskan Malamute hebben ook een ondervacht, maar zijn gebouwd op slapen in de sneeuw. Een backpacktocht bij zomerse temperaturen is dan geen goed idee. Heeft je hond een vacht die regelmatig verzorging nodig heeft, zoals de vacht van een poedel of een briard? Regel dan een knipbeurt vlak voor vertrek, zodat er geen haren voor zijn ogen hangen of lang haar tussen zijn tenen zit. Daar blijven takjes en zand in vastzitten, erg onhandig tijdens een lange tocht. Conditie Je wilt natuurlijk dat je hond het naar zijn zin heeft tijdens het backpacken. Dat hij kan genieten van de tocht. Dat lukt niet als hij snel vermoeid raakt. Zelf geniet je ook niet meer van een wandeling als je eigenlijk te moe bent om nog een stap te zetten. Daarom is het belangrijk dat je hond de backpacktocht fysiek goed aankan. Moe zijn aan het einde van de dag is niet erg, dat ben jij ook, maar hij moet niet uitgeput zijn.  Kan je hond op dit moment nog niet probleemloos 15 kilometer lopen op een dag? Dan is hij nu nog niet geschikt om mee te gaan backpacken. Het goede nieuws is dat je dit kenmerk kunt verbeteren. Tijd om te gaan trainen dus. Begin gewoon met het langzaam opbouwen van de wandelafstanden en kijk hoe je hond hierop reageert.   (Chronische) aandoeningen Sommige honden hebben een aandoening waardoor ze minder geschikt zijn voor een backpacktocht. Denk bijvoorbeeld aan artrose en heupdysplasie. Een hond met pijnlijke gewrichten doe je hoogstwaarschijnlijk geen plezier met lange wandeltochten. Volg hiervoor het advies van de deskundige op die de diagnose van je hond heeft vastgesteld. Een gezond en goed functionerend hart is een must. Een hond met een hartafwijking neem je liever niet mee op een meerdaagse tocht. Zeker niet als je in een afgelegen gebied gaat wandelen, ver weg van een dierenarts. Aandoeningen waarvoor je hond, soms dagelijks, medicijnen moet slikken kunnen ook een belemmering vormen. Denk aan epilepsie, auto-immuunziektes en zware allergieën. Ga je op pad in bewoond gebied, blijf je niet lang weg, en is de ziekte beheersbaar met medicijnen? Dan kan je hond misschien wel mee. Bij epilepsie en allergieën moet je je wel extra goed voorbereiden op wat jullie onderweg gaan tegenkomen. Vermijd gebieden die die ziektes kunnen triggeren. Heeft je hond een (chronische) aandoening, maar wil je toch graag een keer backpacken? Overleg dan altijd met je dierenarts. Sommige rassen hebben aandoeningen of aanleg voor aandoeningen waardoor ze minder geschikt zijn om mee te gaan op een backpacktocht. Hondenrassen met korte snuiten, zoals mopshondjes, boxers en bulldogs, hebben bijvoorbeeld vaak problemen met ademen, waardoor ze een verminderd uithoudingsvermogen hebben en hun warmte niet goed kwijt kunnen. Hierdoor lopen ze een hoger risico op oververhitting. Andere rassen, zoals Duitse herders en labradors, zijn gevoelig voor heupproblemen. Bij deze honden is het extra belangrijk om veel aandacht te besteden aan spieropbouw voordat je ze meeneemt op avontuur.   Karakter Een loyale, op jou gerichte, sociale, moedige, zekere, flexibele, stabiele, speelse, vriendelijke en intelligente hond. Dat is de ideale backpackhond. In de praktijk zullen weinig honden ál deze karaktereigenschappen bezitten. Gelukkig betekent dat niet dat je hond niet mee kan. Maar hoe meer van deze eigenschappen, hoe makkelijker het voor jou en je hond is om samen te backpacken. Mínder handige karaktereigenschappen voor een backpackhond zijn bijvoorbeeld waaksheid en veel blaffen, daar doe je je medekampeerders geen plezier mee. Is je hond heel verdedigend richting andere mensen of honden? Dat hoeft geen probleem te zijn als je in je eentje een backpacktocht loopt zonder veel andere mensen of honden tegen te komen. Loop je in een groep, dan is dit niet zo’n fijne karaktertrek. Heeft je hond een groot jachtinstinct? Met een stevige lijn en een goed tuig kun je gewoon op pad, maar loslopen is er dan niet bij. En ook bij je slaapplek zul je je hond altijd in de gaten moeten houden.   Mentale gesteldheid  Dit kenmerk hangt deels samen met het karakter van je hond, maar hier heb ik het over honden die niet altijd blij en moedig en speels zijn. Die mentaal wat minder stabiel zijn. Angstige honden bijvoorbeeld, of nerveuze, of allebei. Voor deze honden is een backpacktocht één grote bron van prikkels. Het is niet per definitie zo dat je deze honden niet mee kunt nemen op een trektocht, maar je moet ze wel extra goed in de gaten houden en meer rust geven als ze dat nodig hebben. Als je gaat backpacken met een mentaal minder stabiele hond, dan is het wel belangrijk dat jullie onderlinge band heel goed is. Dat je hond je helemaal vertrouwt en bij jou zijn rust vindt. Als dat eenmaal zo is, dan kun je hem meenemen op de mooiste avonturen. Backpacken met je hond Wil je meer weten over backpacken met je hond? In haar Handboek Backpacken met je hond deelt Laurie alle informatie die je nodig hebt om er zelf op uit te trekken met je hond. Je kunt ook lid worden van de Facebookgroep Backpacken met je hond: hier vind je tips en ervaringen van andere (beginnende) backpackers-met-hond. https://www.reizenmetjehond.nl/handboek-backpacken-met-je-hond/ de foto's in deze blogpost zijn gemaakt door Paulien van der Werf van Outdoorinspiratie
Hondensport: Waterwerken

Hondensport: Waterwerken

14-05-2021
Wij vinden gezond leven voor de hond ontzettend belangrijk. Daarom vind je in ons assortiment enkel natuurlijke snacks terug. Maar gezonden voeding is niet het enige, dat van belang is voor een hond. Beweging en mentale uitdaging zijn voor een hond ontzettend belangrijk. Daarom nodigen we iedere maand een aantal gastbloggers uit, die hun favoriete hondensport of -werk beschrijven. Zo hopen we onze lezers te inspireren om nog meer te ondernemen met hun hond(en). Zie je een bepaalde sport graag terug op onze blog, of heb je vragen over het onderwerp van deze week, laat dan even een reactie achter onderaan deze pagina. Deze week spraken we Carlijn over waterwerken: Samen met mijn Newfoundlanders Bumper en Fender woon ik in Zuid-Limburg. Ik maakte een jaar of 10 geleden voor het eerst kennis met de Newfoundlander. Ghani was de Newfoundlander van mijn schoonouders en ze was echt prachtig. Zo een grote hond, maar ondertussen zo voorzichtig en lief… ik was verkocht. Na vele verhalen te hebben gehoord over de honden die mijn schoonouders in de jaren hebben gehad werd mijn liefde voor het ras alleen maar groter. Ook vertelde ze mij over de waterwerk sport die zij vroeger met hun Newfoundlanders beoefenden. Ik ben online gaan zoeken naar meer info en toen wist ik het zeker: ooit heb ik een Newfoundlander. Carlijn met haar Newfoundlanders Bumper(links) en Fender(rechts) Toen Bumper in augustus 2017 bij ons kwam wonen was de stap naar het waterwerk al snel genomen, in september dat jaar hadden we onze eerste training en we zijn sindsdien niet meer gestopt. In februari 2018 kwam Fender bij ons wonen en ook hij raakte als snel verkocht aan het waterwerk. Tegenwoordig trainen we bij twee waterwerk groepen. Elke zaterdag trainen we bij WAG Colonia en iedere tweede zondag bij Waterwerkgroep de Betuwe in Appeltern.  Waterwerk is een sport die wordt uitgevoerd door verschillende rassen, maar vooral de newfoundlander is een populair ras binnen deze sport. Graag neem ik jullie in deze blog mee in de wereld van het waterwerk. Wil je meer van ons zien, neem dan een kijkje op instagram. Wat is waterwerk? Waterwerk is een door de Raad van Beheer erkende sport waarin diverse rassen, maar voornamelijk newfoundlanders, oefeningen uitvoeren in het water. Tijdens deze oefeningen wordt er vooral op getraind om mensen te helpen op diverse vlakken. Zo wordt de honden bijvoorbeeld aangeleerd om mensen te redden die bewusteloos zijn, maar ook mensen die bij kennis zijn. Ook het trekken van boten, het springen uit boten, objecten zoeken in het water, het brengen van objecten naar boten of juist het halen van objecten bij een boot, behoren tot de oefeningen. Waterwerk is dus veel meer dan alleen maar apporteren in het water. Mentaal en fysiek uitdagend De honden moeten behoorlijke lichamelijke kracht hebben om de verschillende oefeningen uit te voeren. Maar ook mentale kracht is van belang in deze sport. De honden moeten goed nadenken over de uit te voeren opdracht, weersomstandigheden hebben bijvoorbeeld ook een grote invloed op de manier waarop de hond een oefening uitvoert. Ze vinden vaak precies de juiste manier om te zwemmen, ook tijdens stormachtige dagen met een flinke stroming. Gezien ze zelf (veelal) groot van stuk zijn, is het ook belangrijk dat ze hun eigen lichaam goed beheersen. Stel je bijvoorbeeld voor dat wanneer iemand verdrinkt en niet meer bij bewustzijn is, deze persoon zich kan niet vasthouden aan de hond. De hond zal dan op de juiste manier in de hand van de drenkeling moeten bijten om hem naar de kant te slepen, zonder schade toe te brengen. Een ander voorbeeld is het springen uit de boot, waarbij de hond met vier poten moet balanceren op de zijkant van een boot. Dit vereis niet enkel lichamelijke kracht, maar ook bewustzijn van het lichaam en goede concentratie. Beginnen met de sport Op alle leeftijden kan gestart worden met deze hondensport, ook pups kunnen terecht bij waterwerk groepen. Houd er dan wel rekening mee dat zij een aangepast oefenschema hebben. Dit zal vooral gericht zijn op watergewenning, het leren kennen van de boot en het leren van bijvoorbeeld dummy’s ophalen. Verder is het belangrijk dat je hond van water houdt, goed kan zwemmen en het leuk vindt opdrachten uit te voeren. Waarom zijn Newfoundlanders zo populair in deze sport? Vroeger werden Newfoundlanders gefokt en getraind om mee te gaan op vissersboten. Tijdens deze trips zorgde de Newfoundlander voor de veiligheid op het schip. Wanneer iemand over boord viel, werd de Newfoundlander ingezet om deze persoon te redden. Ook was het hun taak de netten en boeien binnen te halen en om touwen naar de kant te brengen om een boot vast te zetten.Doordat de Newfoundlander hiervoor gefokt is, worden de meeste Newfoundlanders ook helemaal gek wanneer ze water zien. Instinctief zit het werk van vroeger nog steeds in het ras. Het is om deze genetische achtergrond ook een zelfstandig ras dat goed opdrachten kan uitvoeren.   De Newfoundlander is ook fysiek erg geschikt voor waterwerk. Dit ras heeft namelijk zwemvliezen tussen de tenen en kan zich hierdoor gemakkelijk verplaatsen in het water. Ook heeft hun vacht een olielaag, die er voor zorgt dat ze ‘’waterdicht’’ zijn, na een keer of drie schudden zijn deze honden alweer droog. Wanneer ze zwemmen zet hun vacht dan ook wat uit, waardoor ze makkelijker drijven. Tenslotte hebben Newfoundlanders een goede ondervacht, die het lichaam warm houdt tijdens het zwemmen in koud water. Tegenwoordig wordt dit ras in sommige landen nog altijd ingezet om mensen te redden, waar bij ze zelfs uit helicopters springen! Trainingsgroepen Wij trainen zelf bij twee groepen, bij WAG Colonia en bij NNFC de Betuwe. Bij de Nederlandse Newfoundlander Club (NNFC) trainen enkel Newfoundlanders. Hier wordt dan ook vooral recreatief getraind en komen vooral de oefeningen voor die in de NNFC brevetten zitten. Deze brevetten kunnen worden behaald op de trials die georganiseerd worden door de NNFC. Behalve de brevetten kunnen de snelste newfoundlanders van hun klasse nog eens een extra trofee winnen. Bij WAG Colonia zijn wij vorig jaar halverwege het seizoen gestart. Dit is een groep die traint voor de brevetten van de Raad van Beheer. In deze brevetten zijn dan naast wateroefeningen ook landoefeningen inbegrepen. De hond moet ook voordat hij aan de Nederlandse brevetten dagen kan deelnemen een gehoorzaamheidscursus hebben afgerond of de basistoets hebben behaald. Behalve de Nederlandse brevetten zijn er ook aansluitende brevetten te behalen in o.a. België en Duitsland. Deze brevetten kunnen door meerdere rassen worden behaald en zijn dus niet uitsluitend voor Newfoundlanders. Behalve deze twee groepen zijn er nog diverse groepen in Nederland die waterwerk training aanbieden, zowel vanuit de NNFC als groepen die voor de brevetten van de Raad van Beheer trainen. Zo is er altijd wel een locatie en geschikte groep beschikbaar. Internationaal Sommige trainingsgroepen bieden ook kampen aan. Tijdens een waterwerk kamp kun je ontzettend veel leren. Op deze locaties komen namelijk waterwerkers vanuit de hele wereld samen om brevetten te behalen. Eerst wordt er getraind en aansluitend kunnen op het einde van het kamp brevetten worden behaald. Eerder benoemde ik al even de Duitse en Belgische brevetten, maar waterwerken wordt ook actief beoefend in Frankrijk, Luxemburg, Frankrijk, Italië, Zwitserland en Polen. Alle landen hebben hun eigen brevetten met hun eigen oefeningen. Op kampen kun je deze ervaringen samen delen, waardoor je een berg aan informatie verzamelt maar ook een hele toffe week ervaart. Zelf hebben wij dit nog niet mogen meemaken, maar ik kan niet wachten om ook eens aan een kamp deel te nemen. Mijn eigen ervaring Samen met mijn Newfoundlanders Bumper en Fender beoefen ik met liefde de waterwerk sport. ik mag dan ook zeker zeggen dat dit een passie van ons drie samen is. Beide heren zijn herplaatst en dus op latere leeftijd begonnen met waterwerk. Bumper was 1.5 jaar oud en Fender zelfs al 3.5 jaar. Ze pikken de sport ontzettend snel op en je kunt dan ook zeer zeker zien dat het instinctief gedrag is voor dit ras. Het is dan ook prachtig te zien hoe ze genieten en groeien tijdens elke training. Het is duidelijk dat ze niet kunnen wachten om weer te gaan trainen want zodra ze de tas met alle spullen zien, worden ze al ontzettend enthousiast. Ook vind ik het een mooie manier om de band tussen hond en eigenaar te kunnen vergroten, het samen werken met je hond is gewoon prachtig. Vooral nu er kortgeleden bij Bumper heupdysplasie en artrose zijn vastgesteld en gezien Bumper een slechte rug heeft, is het zwemmen een ontzettend goede oefening om hem in conditie te krijgen en houden. Nu kan hij elke week conditie opbouwen en worden zijn spieren steeds sterker. We zijn nu bijvoorbeeld aan het oefenen de boot te volgen, waarbij hij als het ware achter de boot aan zwemt. Tijdens deze oefening heeft hij een zwemvest aan waardoor hij enkel zich hoeft te concentreren op het maken van de juiste bewegingen. Hopelijk kan het zwemvestje later dit seizoen vervangen worden door kurkjes omdat zijn spieren dan sterk genoeg zijn. Het waterwerken is dus niet alleen leuk, maar ook nog eens een hele goede gezonde work-out. Voor Fender is het uit de boot springen zijn favoriete oefening, voor Bumper is dit het halen van de pop. Ik zelf vind het vooral heel mooi en gaaf om gered te worden door een hond. Om de honden vol overtuiging op je af te zien komen is gewoon een machtig mooi beeld. Ik hoop dan ook dat ik nog vele trainingen met onze jongens mag blijven doen en mag blijven genieten van het werken met honden in het water.